Magische verhalen

Valtada: een wereld met bezieling

Onlangs is Valtada 3: Sporen van het vergetene verschenen. Een prima excuus om meteen de eerste twee delen ook aan te schaffen en dat heb ik geweten! Er zijn van die boeken die je openslaat en die je per direct weten mee te slepen. De Valtada reeks van Garvin Pouw mag absoluut niet in dit rijtje ontbreken.
Deze auteur van eigen bodem heeft beslist een wereld gecreëerd die voor je geestesoog tot leven komt. Tot in detail, maar geen moment té, weet hij alles zo te beschrijven dat het aan gaat voelen als levensecht, ondanks het fantasy element. Het is een bijzondere wereld waar je echt zou willen zijn, ook al zijn er duistere kanten, maar gelukkig is dat al lezend geen enkel probleem. Sterker nog, je zintuigen staan op scherp, de realiteit vervaagt en zodra je het boek pakt ben je daar. Het is met recht een talent van Pouw, want ik ken genoeg verhalen waarbij dit gebeurt, maar deze reeks heeft net even dat tikje meer. Het is een gave, zonder meer, en je voelt de bezieling van de auteur. Valtada is veel meer dan een wereld die is ontsproten uit de fantasie van de auteur, het is bijna tastbaar, zo levensecht.

Over de verhalen zelf kan ik kort zijn: ik ga geen samenvatting geven, dit zijn boeken die je echt zelf mag ervaren en waar je je eigen invulling aan mag geven. Maar als ik dan toch iets moet zeggen: het is een fantasy die zoveel facetten omvat, dat het niet te vergelijken is met andere verhalen. Naast de wereld zelf heeft de auteur namelijk ook nog eens de gave om veelzijdige, boeiende en bijzonder treffende personages neer te zetten. Er zijn een aantal die je zo weten te raken, dat je ze in je hart sluit om nooit meer los te laten. De karakters van de personages zijn geloofwaardig en doordacht. Ze maken de nodige ontwikkeling door en zijn tevens zeer menselijk. Van eigenwijs tot onberekenbaar, en van dapper tot angstig; je kan het zo gek niet verzinnen of de personages hebben deze eigenschappen. Wat het ook extra kracht geeft is dat de personages allemaal hun eigen beweegredenen hebben, maar wat het bindt is dezelfde mysterieuze kracht.
Deze aanvulling op de gecreëerde wereld maakt dat de Valtada reeks met kop en schouders boven een aantal andere fantasy reeksen uit weet te steken.

En dan de kers op de taart: de verhalen zelf. Ik raad ten zeerste aan om te beginnen op een dag dat er geen verplichtingen roepen. Installeer je op je favoriete leesplek, zet je telefoon op stil en laat je onderdompelen in dit weergaloze avontuur vol actie, humor, mystieke wezens (elfjes!), magiërs en mysterie.
In ieder deel komen andere personages en questes aan bod, waardoor de geschetste wereld steeds een stukje omvangrijker wordt. Je leert alles en iedereen steeds beter kennen, en gaat weer op een nieuw avontuur in deze magische setting.
Het is eigenlijk onmogelijk om afscheid te nemen, na elk boek voelt het als een onvermijdelijk maar gelukkig tijdelijk afscheid. Want Pouw is nog lang niet uitgeschreven en daar kunnen de lezers alleen maar dankbaar voor zijn! Het schrijven zit bij hem niet alleen in zijn bloed, het omvat zijn hele zijn. Dat hij dat zo intens op de lezer over weet te brengen, schept een verbondenheid die je als lezer volledig in zijn ban krijgt.

Kortom: ben je op zoek naar écht goede en meeslepende fantasy, doorspekt met menselijkheid en realistische, geloofwaardige personages, dan zijn dit absoluut jouw boeken voor 2020!

Bijzondere gesprekken

In gesprek met Garvin Pouw

Garvin Pouw is een Nederlandse auteur die debuteerde met Schaduwkoningin, een prachtige fantasy die de lezers meteen in hun hart sloten. Dat dit genre hem bijzonder goed ligt, bewees hij daarnaast met de Valtada-reeks. Onlangs is deel drie uitgekomen en naar aanleiding van dit heugelijke feit, besloot ik in gesprek te gaan met Garvin.
Het werd een openhartig gesprek dat mij nog lang bij zal blijven. Garvin is namelijk niet zomaar een auteur, Valtada is zoveel meer dan een verzonnen verhaal. Sterker nog, voor Garvin was deze wereld zijn redding en toevluchtsoord.
Dat is beslist merkbaar tijdens het lezen. Zelden heb ik een verhaal gelezen waarbij de geschapen wereld zo tot leven komt en die zo weergaloos is omschreven, dat je als lezer alleen maar diep respect kan hebben voor het talent dat deze auteur gegeven is.
Na onderstaand gesprek, over het ontstaan, schrijven en Garvin zelf, is dat gevoel alleen nog maar meer gegroeid.

Je hebt met de Valtada-reeks een prachtige en ook duistere wereld geschept die het hart van menig fantasyliefhebber sneller doet kloppen. Hoe is deze wereld ontstaan?

Dat is een tweeledig verhaal. Van jongs af aan was ik druk met striptekenen en rond mijn 17e (1995) raakte ik (door Tolkien) geïnspireerd om een fantasywereld te creëren. Ik tekende drie stripalbums die op Valtada speelden, maar verhalen drongen zich op en tekenen ging niet snel genoeg. Daarom besloot ik een prequel serie op mijn strip in boekvorm te schrijven. Dat verhaal was de geboorte van Valtada 1 en 2 en de aanzet tot een enorme wereld om in te spelen. 
Tegelijkertijd lag ik in die tijd ontzettend met mijzelf in de knoop. Ik was eenzaam, zoekend en sociaal onhandig. Als een waar romanticus zocht ik een vluchtweg uit de werkelijke wereld en Valtada leende zich daar voor. Het werd al gauw een obsessie. Ik tekende in Valtada, schreef verhalen over valtada en dagdroomde mezelf op die wereld, waar en wanneer dat maar kon. Onvrede met mijzelf en de werkelijke wereld sijpelden de verhalen in en voorzagen ze van een meer somber tintje her en der, maar tegelijkertijd zocht ik er graag het zoetsappige en romantische op, wat ik voor mijzelf niet in de werkelijkheid kon uiten. Fantasy als vluchtweg dus.

Wat bijzonder en dat is vast de reden dat het zo levensecht aan doet. Heeft het schrijven je ook bepaalde inzichten gegeven over jezelf en je leven?
Schrijven heeft zich voor mij ontwikkeld tot de ideale uitlaatklep. Door je dagelijks te mogen verplaatsen in verschillende karakters, ieder met hun eigen invalshoeken en eigenaardigheden, kan ik heel veel van mezelf laten zien, naar buiten laten. Het negatieve doemdenken van een Yivenna, de interesses van Shutai, ja, zelfs de zoetsappigheid van een elfje als Nikara; alles komt ergens bij mij vandaan. Wanneer ik lang niet schrijf, dan raak ik in mezelf opgesloten en wreekt dat zich op een minder wenselijke manier. Voor mij is schrijven broodnodige zelfexpressie.

Is dat ook de reden dat je je zo goed in hebt kunnen leven in je personages of weten zij jou nog wel eens te verrassen? 
Een absoluut voordeel voor lang meegaande personages is dat je ze zo door en door leert kennen en dat je prima kunt inschatten hoe ze reageren op situaties. Dat werkt heel organisch, maar kan inderdaad net zozeer verrassen. Vooral wanneer je personages in dialoog brengt met elkaar kan er nog wel eens een heel andere conclusie uit voortkomen dan wat je voor het verhaal voor ogen had. Dat zijn stiekem de leukste momenten. Wanneer je als organisch schrijver door trouw te blijven aan je personages in de problemen raakt. Dan ligt daar een uitdaging om het zo passend mogelijk op te lossen. Gek genoeg zijn dat ook de momenten waarop je personages groei vertonen.

Was dat ook meteen de grootste uitdaging tijdens het totstandkomen van deze reeks?
Dat mag je wel zeggen. Ik ben de kronieken van Azeria (6 delen waar de helft nu van uit is en de andere helft onderweg) begonnen op heel organische wijze. Het plan was heel mager, maar de karakters hebben daar zelf vlees op gezet, plotlijnen vloeien dan voort uit vooral hun interactie en handelen. Een aantal hoofdpersonages werden bijvoorbeeld geïntroduceerd als bij-personages, maar drongen door hun eigenzinnigheid het verhaal binnen. Op die manier schrijven is ergens heel riskant, maar op bijna magische wijze pakt het bij mij altijd geloofwaardig uit. (In elk geval naar mijn smaak). En zo is het voor de schrijver net zo’n avontuur als voor de lezer.

Over magische wijze gesproken: met welke reden, naast geïnspireerd worden door Tolkien, koos jij voor fantasy?
Hmm, daar moet ik een beetje filosofisch op antwoorden. Tot aan mijn 18e was ik juist erg van de SF. Star Trek, robotica, etc… Ik benaderde dingen graag wetenschappelijk en was eerder een atheïst dan iemand die in God of goden zou geloven. Echter, terwijl ik de wereld zo logisch gericht benaderde, ondervond ik dat die zonder zingeving vooral kaal en saai was. Ik werd er depressief van de wereld te aanvaarden zo ogenschijnlijk leeg als hij was. Fantasy, met een flair voor goden en magie in plaats van het pragmatische, rekenkundige van de wetenschap, maakte mij vrolijk. Het richt zich op dromen en mogelijkheden in plaats van de begrenzing van realisme. In fantasy is je enige grens het bereik van je fantasie. In mijn geval bood dat grenzeloze mogelijkheden! Daarnaast ontwikkelde ik door mijn kentering tegen de moderne menselijke wereld een passie voor de natuur en een – wellicht misplaatst – nostalgisch verlangen naar primitiever tijden. Beide vormen het min of meer traditionele decor voor het fantasygenre. Ik ben daar dus prima op mijn plaats.

Ben je daardoor ook anders gaan denken?
Absoluut. De Garvin van vandaag de dag is niet te vergelijken met de Garvin van voor het schrijven. Bezig zijn met de creatie van een geheel eigen wereld geeft je inzichten en verantwoordelijkheden, die je mijns inziens alleen maar kunnen verrijken. Werken aan mijn eigen wereld voelt aan als een experiment. Een kans om de bedenker van de werkelijke wereld eens te laten zien hoe het ook kan! Haha, ja, ik heb er een God-complex aan over gehouden. Maar per saldo? Door te schrijven over anderen heb ik zelf leren te leven.

Wat een prachtige laatste zin! Hoe voelt het voor jou om deze toch wel innerlijke wereld te delen met de buitenwereld?
Hah! Dat gaat met ups and downs. In eerste instantie ben ik gaan publiceren om naar mezelf te bewijzen dat hetgeen dat ik mijn levenswerk gemaakt heb, serieus wat kwaliteit heeft. Ik wilde na 20 jaar schrijven mezelf een schrijver mogen noemen. Dat punt ben ik inmiddels wel voorbij. Enerzijds vind ik het heerlijk om allerlei mensen mee te laten genieten met dat wat zo lang voor mij privé was. Anderzijds komt er dan natuurlijk de nodige kritiek over je heen, dat werkt soms verlammend of demotiverend. Schrijven en publiceren zijn toch wel twee werelden apart. Zelfs nu ik uitgegeven word, heb ik het idee dat nog steeds in een wereld naast deze te doen. Dat naast de wereld hangen typeert mij. Eerst was ik een met de hand tekenende tekenaar in een wereld die in de ban van computertekenen viel. Nu ben ik een publicerend auteur in een wereld waar het boek een product op zijn retour is en in een land waar het door mij gekozen genre slechts door een kleine minderheid wordt omhelst. Commercieel (en laten we eerlijk zijn, dat is de enige ideologie die deze wereld nog erkent) is dat natuurlijk weinig slim. Dan zet je je klaar voor een teleurstelling, maar wanneer je toch lezers aan je bindt, mensen die zitten te springen om het volgende deel? Dan geeft dat een kick. Genoeg kick om lekker door te gaan.

Van de liefhebbers van fantasy hoor ik vooral positieve geluiden. Zodra ik vertelde dat ik je boeken aan het lezen was, kwamen er enthousiaste reacties. Vooral dat je onderscheidend bent en een hoog niveau hebt. Wat doet deze erkenning met jou?
In eerste instantie blozen. Maar ja, het geeft een kick. Voor ik publiceerde had ik er geen idee van of wat ik deed een kwaliteit vertegenwoordigde. Ik was niet bekend in het boekenwereldje, wist niet met wie ik me zou kunnen vergelijken, etc. Ik deed het vooral voor mijzelf. Toch zie je dan een hoofdmoot aan positieve recensies, je verkopen stijgen, nominaties en dergelijken, dan kruipt er wel een rilling langs je ruggengraat. Dan voel je je echt wel trots.

Welk moment in het gehele proces is het meest dierbaar voor jou gebleken?
De dag dat ik van mijn uitgever een monstercontract kreeg voor Valtada 3, 4, 5 en 6. Daar sprak zoveel vertrouwen van de uitgever uit. Het betekende dat Valtada 1 en 2  genoeg gewaardeerd werden om de serie groen licht te geven en dat ik niet een eendagsvlieg zou blijven met Schaduwkoningin. Die dag heb ik echt wel een glaasje geheven.

Wat mij ook opvalt zijn de mooie covers. Heb jij die zelf ontworpen?
Ja, de ontwerpen lever ik zelf aan, evenals de fotografie (met uitzondering van Schimmenstorm). Ik wil graag dat een cover een scène neerzet die overeenkomt met de inhoud van het boek. Ik lever de beoogde cover als een illustratie, fotografeer de modellen in de gewenste pose en outfit. En dan is het aan de vormgever, meestal Jen Minkman, om met het wonder van photoshop mijn idee fotorealistisch te maken. Voor de novelle Shivane heb ik zelf de draak getekend. Ik kende geen draken die model wilden staan, vandaar.

Die schijnen ook niet zo fotogeniek te zijn. Maar wat leuk dat je het zo doet, dat maakt je boeken nog meer eigen. Wat zou jij het liefst als schrijver willen bereiken?
Iedereen heeft dromen. Sommige targets zijn realistisch, andere grenzend aan onmogelijk. Ik zou heel graag fulltime met mijn schrijfwerk bezig zijn, maar dat is maar voor een heel kleine groep weggelegd. Mijn huidige ambitie is een 10 boeken in 5 jaren plan. Daarvoor lig ik prima op schema. Ik hoop over twee jaar een trilogie en de eerste zes delen van Valtada onder de aandacht van het publiek te krijgen. Daarnaast wens ik op termijn een internationale doorbraak te maken, maar hé, wie niet? 

Je weet maar nooit! Zou je ooit nog een ander genre willen schrijven?
Nee, mijn ambitie is niet het uitblinken in schrijfwerk, maar het vormgeven van Valtada. Daarbij vind ik het leuke van zo’n fantasywereld dat je er tal van genres in kan gebruiken. Ik kan een horrorverhaal op Valtada schrijven, een comedy, een avontuur, een psychologische thriller, zelfs een feelgood of een boeketreeks romannetje. Binnen een fantasywereld als de mijne kan en doe ik het stiekem al allemaal.

Hoe werk jij? Heb je een vaste plek en/of rituelen?
Vroeger had ik de eigenaardigheid om met de hand te schrijven en dan het liefst ergens tegen een boom in de natuur. Tegenwoordig schrijf ik op zolder/slaapkamer, meestal zittend op bed met de laptop op een ontbijttafeltje. Afhankelijk van het stuk dat ik schrijf, probeer ik daar dan sfeer of ambiance muziek bij te zoeken op YouTube.

Heb je een voorbeeld van muziek die je gebruikt?
Ik luister graag naar tracks van Mike Oldfield en filmmuziek van fantasyfilms uit de jaren tachtig. Mede dankzij de vele fantasygames van tegenwoordig is er veel sfeervolle muziek behorend aan computerspellen, te denken aan Skyrim, etc… Wanneer ik schrijf moet het wel instrumentaal zijn. Lyrics leiden af.

Over gamen en films gesproken: Valtada leent zich perfect voor een spel, serie of film. Of wil jij het echt bij het geschreven woord houden?
Haha, doe maar een bod! Nee serieus, ik zie mijzelf als een verzinner van verhalen en het opschrijven in boekvorm is voor mij de meest efficiënte methode gebleken om wat in mijn hoofd is ontstaan vast te leggen. Het verfilmd zien worden lijkt me fantastisch, alleen betekent dat waarschijnlijk rechten verkopen en er dan zelf niks meer over te zeggen hebben, dus of ik dat leuk ga vinden? Ik ben een erg beeldend denker en hecht erg aan de beelden die ik zelf heb bij mijn schrijven. Ik denk dat de boeken zich meer lenen voor een serie dan voor een film.

Dat lijkt mij ook lastig omdat iedereen een eigen inzicht en visie heeft bij een verhaal. Heb je wel eens meegemaakt dat een lezer iets totaal anders uit je verhalen haalde dan hoe jij het voor ogen had?
Haha, ik ontmoet nogal kleurrijke mensen. Laatst had iemand een hele theorie over hoe het personage uit Shivane gereïncarneerd was als Aresta. Ik kreeg een dik compliment voor de manier waarop ik dat had opgezet. Ik dacht alleen maar: huh? Ik kreeg er ook geen speld tussen en dacht, laat maar. Meneer geniet van zijn eigen theorieën.

Haha, geweldig! Wel heel leuk dat mensen er hele theorieën op nahouden. 
Is er een personage dat stiekem je eigen favoriet is?
Ik ben erg fan van de dames, vandaar de covers. Aresta is bij mij nummer 1, die heeft iets heerlijk knulligs. Yivenna is een goede tweede, maar vertegenwoordigt weer een heel andere set persoonlijkheidstrekken. En dan zijn er nog wat karakters die in de coulissen staan, daar mag ik nog niet over uitweiden. Met bijvoorbeeld Emerin staat nog heel veel te gebeuren. En dan komt straks die Sneeuwnimf…

Dat klinkt veelbelovend! Dus echt geen tipje van de sluier? 
Valtada gaat door, in een hoog tempo als het aan mij ligt. Het volgende deel ligt alweer bij de redactie, maar ik ontferm me nu eerst even over een einde aan de Schaduwkoningin trilogie. Moet raar lopen wil er rond het eind van het jaar niet weer een nieuw boek komen. Dus er komt nog meer dan genoeg jullie kant op: draken, spoken, Sneeuwnimfen, bregandiërs, schemersterren, de Hèridath… maak je borst maar nat!

Magische verhalen

Mijn jaar na jou

~ Als je zou kunnen sterven van schuldgevoel, dan zou ik dood zijn. Zoals ook eigenlijk de bedoeling was ~

Met Mijn jaar na jou heeft Nina de Pass een absoluut prachtige, indrukwekkende en indringende ya-roman geschreven.
Het verhaal zit met zoveel gevoel in elkaar, dat de woorden gaan leven en weten te raken. Tel daarbij een talentvolle schrijfstijl op, die weet te overtuigen doordat alle personages hun strubbelingen niet mooier maken dan het is. Zij komen niet met (voorspelbare) pasklare oplossingen, maar net als ieder mens overleven en doorleven zij alles met hier en daar een reddingsboei die hen boven water weet te houden.
Mijn jaar na jou is een boek over rouw, schuldgevoelens en geheimen die ons kunnen verteren en daardoor zit het geheel sterk, doordacht en messcherp in elkaar. Het is zo mooi verwoord, zowel handelingen als gedachten, dat je geboeid raakt en het onmogelijk is om het boek weg te leggen.
De auteur neemt je namelijk mee op de innerlijke reis van hoofdpersonage Cara, een jonge meid, die door een afschuwelijke gebeurtenis zichzelf en haar leven opnieuw uit moet vinden.

Het is oudejaarsavond als Cara en haar beste vriendin Georgina naar een stiekem feest gaan. De verwachtingen en spanningen zijn hoog, dit zou wel eens hét feest kunnen zijn waardoor hun levens voorgoed veranderen. Dat gebeurt ook, maar niet zoals zij voor ogen hadden. Door een fataal auto-ongeluk sterft Georgina.
Cara gaat kapot van schuldgevoelens, ze vindt dat zij die nacht nooit had mogen overleven. Niemand kan haar meer bereiken en ten einde raad stuurt haar moeder haar naar een school in Europa. Daar ontmoet Cara de mysterieuze Hector, een jongen die langzaam maar zeker door haar façade heen weet te prikken.
Maar dat is niet wat Cara wil, niet wat zij denkt te verdienen. Ze leeft namelijk met een allesverterend geheim en het laatste wat zij wil is een tweede kans.

De spanning wordt dermate goed opgebouwd, dat niet doorlezen simpelweg geen optie is. Langzaam maar zeker ontvouwt zich de waarheid wat er die avond echt gebeurd is, als lezer krijg je steeds kleine brokjes informatie.
Niet alleen dat is nieuwsgierigmakend (je zit soms letterlijk op het puntje van je leesstoel), ook het heden is fascinerend.
Cara is angstig, kwetsbaar, maar toch ook sterker dan ze denkt. Dat maakt haar niet alleen menselijk, maar ook een sympathiek personage die het nodige weet los te maken bij de lezer.
Toch draait het verhaal niet alleen om haar. Het gaat ook om interactie met je omgeving; in het geval van Cara zijn dat haar kamergenote, Hector en een vriend van hen. Zij spelen een grote rol in het verhaal, vullen perfect aan en weten de lezer voor zich te winnen.
De dynamiek tussen deze vier jongeren is roerig, ontwapenend en bevat wellicht onbewust boodschappen over het leven en onze omgeving, maar geenszins op belerende wijze. Het is juist hun omgang die kracht geeft aan het geheel, en aan elkaar.

Dit debuut is met recht een enorme binnenkomer. In je (lezers)hart, maar ook in je boekenkast. Want dit verhaal is zoveel meer dan een gewoon verhaal. Het is met liefde geschreven, en met zoveel inlevingsvermogen, maar toch vlot, mysterieus en spannend. Wat mij betreft dan ook beslist een ya die nu al tot de absolute top behoort.

Magische verhalen

Even goede vrienden

Ze zeggen wel dat karma een bitch is, maar vergeleken bij een bedrogen vrouw is zij een lieftallig engeltje. Dat bewijst Amy wel met haar sweet revenge in Even goede vrienden. Geen slachtofferrol, geen wanhopige smeekbedes, nee, niets van dat alles. Amy lost het briljant op als ze erachter komt dat haar verloofde en beste vriendin een affaire hebben. Ze blijft namelijk en doet alsof haar neus bloedt, speelt haar rol als aanstaande bruid met verve, maar ze trekt achter de schermen natuurlijk wel haar eigen plan.
Een bijzonder leuk uitgangspunt waarmee een verslavend verhaal is ontstaan.
Maar niet alleen Amy is meedogenloos. De humor van Jane Fallon vloert je met regelmaat, want dat is met recht de unieke kracht achter dit verhaal. Al is er natuurlijk veel meer.

Het verhaal dus. Amy is een actrice. Na rollen als ‘vrouw in pub’ en ‘vrouw in park’ heeft ze zowaar een rol te pakken waarvan het personage een naam heeft én zit ze in meerdere afleveringen. Tot ze uit de serie geschreven wordt, en dan nog wel omdat de actieve seriemoordenaar haar te pakken krijgt. Amy kan haar leventje in New York dan ook vaarwel zeggen en weer terug naar Londen, naar haar verloofde en beste vriendin. Ze besluit ze te verrassen, maar komt zelf voor een grote verrassing te staan: de twee mensen die ze het meest vertrouwt hebben haar duidelijk niet zo gemist als zij hen.
In eerste instantie stort haar leven in. Geen werk, geen huis; het is kortom een zooitje.
Maar ze weet zich te herpakken, op sublieme wijze, en plant haar zoete wraak.

Zoals gezegd is de humor in dit verhaal werkelijk genieten. Sarcasme, ironie en befaamde droge opmerkingen vliegen je om de oren. En toch bevat Even goede vrienden ook diepgang en een psychologisch tintje. Niet alleen in de vorm van het psychologische spelletje dat Amy speelt, maar ook in de ontwikkeling die zij gaandeweg doormaakt. Het ontwikkelt zich zo, dat je Amy als beste vriendin gaat zien. Met haar spontaniteit, vindingrijkheid en onzekerheden, is zij een personage waar je zonder meer herkenning in vindt, maar ook iemand waar je intens mee meeleeft. Haar manier om met de situatie om te gaan, is bewonderenswaardig juist omdat ze haar kwetsbaarheden niet onder stoelen of banken schuift, maar tevens omdat zij niet instort en alles en iedereen de schuld geeft. Sterker nog: ze probeert, ondanks de vele (vaak rond hilarische) tegenslagen, het beste van haar leven te maken.

Wat het verhaal extra leuk maakt, is dat je op een gegeven moment ook vanuit het perspectief van Mel – de voormalig beste vriendin dus – te lezen krijgt hoe zij alles beleeft. Dit geeft het verhaal net dat beetje extra en zorgt ervoor dat alle kanten goed belicht worden. Geen eenzijdig verhaal dus vanuit één beleving, maar juist een ronde cirkel waarin alle personages hun rol perfect vertolken. Want werkelijk iedereen voegt wat toe en maakt het geheel af.
Naast dit alles zijn er de nodige terugblikken naar het verleden – ze kennen elkaar al sinds hun vroege jeugd – waardoor duidelijk wordt hoe deze destructieve vriendschap zich heeft geëvolueerd, waar bepaalde beweegredenen vandaan komen en het is meteen een goede karakterschets, waardoor verleden en heden een heerlijke aanvulling op elkaar vormen.

Jane is wat mij betreft zeer geslaagd in haar opzet en kan toegevoegd worden aan het rijtje met favoriete auteurs. No nonsense, heerlijk wegdromen, hardop lachen tijdens het lezen en hier en daar een plotwending die je beslist niet aan ziet komen. Alle ingrediënten zijn aanwezig voor een boek dat zijn weerga niet kent en waarvan je hoopt dat er nooit een einde aan komt. Want in deze geschetste wereld wil je eindeloos vertoeven en het is dan ook geen wonder dat je het boek elke vrije seconde snel weer oppakt om verder te gaan. Kortom: verslavend lekker!

Magische verhalen

De bekentenis

De bekentenis staat nu al in mijn top vijf van best gelezen boeken in 2020 tot nu toe. Vanaf de eerste zin was ik acuut fan. Niet alleen een fenomenale schrijfstijl, maar ook een prachtig verhaal over een geheim weet het lezershart meteen sneller te doen kloppen.
Er zijn al duizenden boeken over geheimen en met een reden: ze worden verslonden omdat geheimen menselijk zijn en auteurs er met hun fantasie vaak de beste verhalen omheen weten te bouwen. De vindingrijkheid van Jessie Burton valt echter meteen op. In dit boek neemt zij de lezer namelijk niet alleen mee op een zoektocht naar de waarheid, ze weet daarnaast de tegenstelling in mensen zo vernuftig te omschrijven dat er een verhaal ontstaan is waar je alleen maar vol bewondering en ademloos in meegezogen wordt.
Vergeet alle romans die ietwat onrealistisch zijn, maar die ons een goed gevoel geven. Vergeet alle romans die voorspelbaar zijn, maar die zo heerlijk lezen dat het werkelijk niets uitmaakt. Vergeet dat alles en maak kennis met Burton.

Het verhaal draait om drie vrouwen: Rose, Connie en Elise. Elise ontmoet Connie in de jaren tachtig als zij staat te wachten op een blind date. Ze is per direct volledig in de ban van Connie; betoverd bijna. Ze laat de date zitten, gaat met Connie mee en gaat vervolgens ook niet meer bij haar weg.
Connie is een gevierd auteur die een eerste boekverfilming in de wacht heeft gesleept en naar LA vertrekt om alles in goede banen te leiden. Elise gaat met haar mee, naar de wereld van schijn, waar status belangrijker is dan wat dan ook. Een turbulente tijd breekt aan…
Dertig jaar later is Rose op zoek naar antwoorden over haar moeder. Zij heeft haar verlaten toen zij nog maar een baby was. Naar verluidt is Connie de laatste die haar moeder gesproken en gezien heeft en op wel heel bijzonder originele wijze weet Rose zich in haar leven te manoeuvreren, op zoek naar de antwoorden waar zij al haar hele leven naar verlangt.

Deze roman is zo krachtig, omdat het van alles wat bevat. Immense humor, waardoor het leest als een chicklit. Neem bijvoorbeeld de manier waarop Rose bij Connie terechtkomt. Ik zal niet zeggen hoe, maar als je besluit deze roman te gaan lezen snap je meteen wat ik bedoel.
Tevens is het een krachtige roman vol diepgang, waardoor het leest als een literair juweeltje. Op het gebied van de innerlijke wereld maken de personages namelijk nog veel meer mee dan de uiterlijke gebeurtenissen, en dat is op zo’n dusdanig treffende wijze verwerkt in het verhaal, dat het tastbaar is zonder dat de auteur het voor je uit moet kauwen. Het ware verhaal staat tussen de regels door, het is niet nodig deze te beschrijven, en juist door hier gebruik van te maken is De bekentenis zo waanzinnig ontroerend en authentiek.

Ik benoemde de menselijkheid al even, want ook dat is een krachtige factor. Burton is nietsontziend voor haar personages, ze maakt ze niet mooier dan ze zijn en gaandeweg het verhaal weet zij steeds meer laagjes van hen bloot te leggen, waardoor je eindigt bij hun ziel, hun ware ik. Het proces waarmee dat gepaard gaat is intens en toch humoristisch, luchtig en toch diepzinnig.
Ook al is het geheim de rode draad, deze verdwijnt hierdoor naar de achtergrond. Je raakt als lezer volledig de regie kwijt en voor je het weet ben je dáár, in de wereld van deze drie uiteenlopende en bijzondere vrouwen en laat je jezelf meevoeren, betoveren en de wereld om je heen vergeten. Burton grijpt je bij je nekvel en laat pas weer los als je de laatste bladzijde omslaat.

Er zijn niet genoeg superlatieven op de wereld om te omschrijven hoe enthousiast ik ben. Maar dat leek mij al duidelijk. Mocht je besluiten deze reis te gaan maken: ik wens je een magische vlucht toe naar een uiteindelijk prachtige bestemming.

Magische verhalen

Het bloemenmeisje

Op de één of andere manier werd ik steeds naar dit boek getrokken. Toen ik de achterflap uiteindelijk las, ging ik overstag: het leek mij meteen een prachtig verhaal. Het deed mij denken aan de film Nell (voor wie niet uit de prehistorie komt: in deze film schittert Jodie Foster in haar rol als meisje/vrouw die met de bewoonde wereld wordt geconfronteerd na het opgroeien met een moeder die een kluizenaar is), ware het niet dat dit boek weer een heel ander verhaal bevat. Maar de puurheid van Nell dacht ik wel terug te kunnen vinden in Nina, het hoofdpersonage dat afgezonderd van de mensen opgroeit, compleet één met de natuur, de elementen en de seizoenen. Daarin bleek ik gelijk te krijgen.
Door dit verhaal te combineren met een mysterieuze moord en verdwijning is echter een uniek en geheel ander verhaal ontstaan, een thriller die voor een auteur van Nederlandse bodem beslist een belofte inhoudt.

In Het bloemenmeisje maken we kennis met Nina. Ze is opgegroeid in de wildernis van de Pyreneeën, samen met een moeder die geen enkele vorm van liefde voor haar dochter bezit. Nina leert al op jonge leeftijd dat de mensen duivels zijn, ze moet zich verstoppen zodra zij zich in de buurt van hun huis wagen. Niet dat dat vaak voorkomt, op de slechte man na dan…
Op een dag wordt Nina gevonden naast het levenloze lichaam van haar moeder en na herstel in een psychiatrische instelling leert zij langzaam een leven tussen de mensen op te bouwen.
Wat ik bijzonder mooi vind, is dat Nina nog steeds volledig met de natuur leeft. Ze heeft een eigen bedrijf in kruiden, waar zij feilloos de werking van kent, maar zij is ook nog steeds één en al oerinstinct. Zo ruikt zij graag aan mensen, want hun geur vertelt haar alles, en zij weet precies wanneer er gevaar dreigt.
Als op een dag blijkt dat zij een tweelingzus heeft, is de vreugde groot. De verbondenheid tussen Nina en Thea, die er meteen is, spat van de pagina’s af. Maar met deze ontdekking ontstaan ook vragen. Waarom zijn zij van elkaar gescheiden? Waarom hield hun moeder Nina? En wat is er op die fatale dag gebeurd dat hun moeder vermoord werd? De zussen gaan op onderzoek uit, maar openen daarmee een complete beerput. Als Thea dan ook nog eens spoorloos verdwijnt, krijgt de zoektocht een bizarre wending, waarin antwoorden alleen maar meer vragen oproepen.

Waar ik het verhaal van Nina werkelijk prachtig vond, was het thrillergedeelte voor de oplettende lezer iets voorspelbaar. Door kleine hints, is al vrij snel duidelijk wie welke rol speelt. De ontknoping kwam dan ook niet als een verrassing, maar toch deed dit alles geen afbreuk aan het verhaal. Dat zit namelijk meer dan goed in elkaar, en alles is zo perfect met elkaar verweven, dat het talent van de auteur meteen bewezen is.
Qua Nederlandse begrippen stijgt zij namelijk wel degelijk boven een deel uit, mede omdat zij zoveel factoren met elkaar weet te verbinden, dat het een filmisch verhaal wordt.
De schrijfstijl draagt daar zeker aan bij, maar dat is niet wat zorgt dat je als lezer alles als een film voor je ziet.
Omdat het vanuit het perspectief van Nina geschreven is, ontstaat er soms afstand, wat perfect past bij wie zij is. Door haar achtergrond is zij sociaal niet sterk, en dat uit zich ook in de vertelvorm. Het is beslist een factor die het verhaal nóg krachtiger en mooier maakt, geloofwaardig en levensecht.
Het zorgt er tevens voor dat het inleven in Nina geen enkel probleem vormt. Sterker nog: je leert haar zo goed kennen, dat ze al snel voelt als een mens van vlees en bloed. Want niet alleen het verhaal en alle facetten die daarbij komen kijken, zijn steengoed uitgewerkt, er is duidelijk grote aandacht besteed aan de personages, die allemaal de aandacht en uitwerking krijgen die zij verdienen.

Al met al is deze kennismaking met de auteur voor mij zeker een reden om vaker een boek van haar op te pakken. Met haar volstrekt unieke stijl, weet zij de lezer zonder moeite aan zich te binden. En dat alleen al is een reden om haar zeker in de gaten te houden!

Magische verhalen

Home: afscheid van een weergaloze trilogie

Vorig jaar heb ik met de nodige plezier Upgrade en Blackout van Lara Reims gelezen. Deze eerste twee delen van een trilogie zijn uniek en overstijgen vele niveaus. Veel lezers riepen dat het Harry Potter in een sf-jasje was. Daar was ik het roerend mee eens, ware het niet dat ik hoofdpersoon Rémi stiekem nóg leuker vond dan de bebrilde literaire held.
Rémi voelt zich net als Harry niet thuis in de wereld en zijn omgeving. Hij wordt gepest en zijn ouders geven hem niet de liefde en warmte waar een kind naar verlangt.
Aan dat alles komt een einde als voor zijn ogen zijn huis ontploft, terwijl zijn familie binnen is, en een vreemde man hem zijn hand reikt.
Hij besluit met deze onbekende mee te gaan en komt terecht in een nieuwe wereld: het Creodroom. Het blijkt een wereld en opleiding te zijn, die zijn tijd ver vooruit is.
Robots, futuristische huisdieren, glenzen; je kunt het wetenschappelijk zo gek niet bedenken of het is daar te vinden.
Maar er dreigt een groot gevaar. Rémi zijn huis is met een reden opgeblazen en een avontuur en zoektocht naar de waarheid gaat van start.

Home is het afsluitende en laatste deel van deze meer dan geweldige trilogie. Met de nodige spanning heb ik ook dit boek verslonden, maar met pijn in mijn hart sloeg ik uiteindelijk de laatste pagina om. Niet omdat het teleurstellend was, integendeel!
Ook dit slot kenmerkt zich door alle talenten van de auteur en is daarom met recht een waardige en prachtige afsluiter van een universum waar ik met veel plezier verbleef.
Zo weet ik dat Lara zich verdiept heeft in alle wetenschappelijke en technologische vooruitgang en ontdekkingen. Deze opgedane kennis vind je niet alleen terug, met haar fantasie heeft zij daar een hele wereld omheen geschapen. Met een beeldende en filmische schrijfstijl, bijzonder levensechte personages en een fantastische setting is een plek en verhaal ontstaan die zijn weerga niet kent. Werkelijk alles klopt en het zou ook nog eens echt kunnen gebeuren. Dat gegeven maakt dat niet alleen het hart van sciencefiction fans harder gaan kloppen, maar dat ook lezers die normaal wat minder ophebben met dit genre zonder problemen meegesleept worden.
Want dat brengt mij meteen op talent twee: naast deze elementen is deze trilogie ook een coming of age. Je volgt Rémi en zijn vrienden door de jaren heen. Van het leven dat zij hadden voor zij bij het Creodroom terechtkwamen en hoe zij zich nu staande houden. Hun ontwikkeling door de jaren heen is een heel verhaal op zich, en zo dermate boeiend omschreven, dat je niets anders kan dan van ze gaan houden. Je leert gaandeweg hoe hun verleden hen gevormd heeft, maar leeft ook mee met de keuzes die zij in het nu maken en die bepalend zijn voor de rest van hun leven.

Home is dus het afsluitende deel, waarin alle antwoorden op de gevormde vragen door de eerste twee delen beantwoord worden. Maar natuurlijk niet voor Rémi en zijn vrienden weer de nodige avonturen meemaken. Want dat brengt mij op talent drie: Lara heeft met deze trilogie bewezen dat zij zonder moeite spanning creëert en haar personages naar situaties manoeuvreert die de nodige moed en doorzettingsvermogen van hen verlangt. Wie is een bondgenoot en wie is een vijand? Niemand lijkt écht de waarheid te spreken, wat een flinke aanslag is op het vertrouwen, maar waardoor je als lezer wel voor de nodige wendingen komt te staan. Niets is wat het lijkt.

Door deze drie talenten samen te voegen, heeft Lara wat mij betreft bewezen tot de top te behoren. Ook al is het afscheid van de personages een pijnlijk proces, ik weet zeker dat zij ons met haar volgende werk weer net zo weet te verrassen en omver weet te blazen.
Rémi is dan ook nu al een begrip op zich en deze trilogie verdient beslist een plek in iedere boekenkast van de liefhebbers van ya, sciencefiction en coming of age.

Bijzondere gesprekken

In gesprek met Morgan Blade

Meaghann Baeken, geboren in 1993, schrijft er onder de naam Morgan Blade lustig op los. Het geschreven woord omzetten in de mooiste verhalen heeft altijd al in haar gezeten, maar onzekerheid zat haar in de weg. Gelukkig voor de lezer, leerde zij steeds meer op zichzelf te vertrouwen. Eerst een online platform, daarna schrijfwedstrijden; de meer dan terechte positieve commentaren gaven haar net dat zetje dat ze nodig had. Het enige wat nog ontbrak was dat felbegeerde boek, een droom die zij uiteindelijk bij Kabook Uitgevers in vervulling zag gaan. Haar boeken werden goed ontvangen, en dat kan ook niet anders. Na onderstaand gesprek met deze zeer creatieve en bevlogen auteur is mij namelijk één ding heel duidelijk geworden: Meaghann is een geboren verhalenverteller en zij weet fantasy en realiteit feilloos te combineren. Of het nou in haar Muse Academy-reeks is of De Van Helsingkronieken, de wereld die zij in haar verhalen creëert weten te boeien, raken en smaken beslist naar meer!

Wat een bijzondere wereld heb je geschapen in Het Apocalypsverbond! Hoe kwam je tot de inspiratie voor dit verhaal?

Ik ben altijd al fan geweest van fantasyverhalen met heksen en magie in de hoofdrol. Ik ben zowat opgegroeid met series zoals Charmed en Buffy, en films zoals Lord of the Rings en Harry Potter. Mijn kennis van deze magische werelden en wezens was een beetje het uitgangspunt samen met het gegeven van de Ruiters van de Apocalyps. Daar wilde ik per se iets mee doen. En dat een heks de hoofdrol zou spelen, dat was sowieso een uitgemaakte zaak. Nee, geen cliché slechte heks die haar magie gebruikt voor het kwade, maar eentje die de mensheid wil laten inzien dat niet alle magie slecht is. Eentje die naast haar heksenkant ook een menselijke kant heeft. 
Daarna begon ik te spelen met de setting. Meestal spelen verhalen zoals dit zich af in andere, oudere tijden of zelfs in heel andere werelden. Dat wilde ik niet. Ik wilde iets schrijven dat in het nu of de nabije toekomst kon gebeuren in onze wereld, met alle technologie en hebbedingen erbij. Al die puzzelstukken samen vormden dan uiteindelijk de outline voor Het Apocalypsverbond. 
Het idee voor dit verhaal spookte al enkele weken in mijn hoofd toen uitgever Moon Young Adult een schrijfwedstrijd aankondigde in samenwerking met het platform Sweek. Ik besloot mijn kans te wagen en ben beginnen te schrijven. Tot mijn grote verbazing belandde ik zelfs in de top 27! Later heeft mijn huidige uitgeverij Kabook het verhaal dan opgepikt, iets waarvoor ik zeer dankbaar ben.

Wat fascineert jou zo aan magie?
Het is altijd een beetje mijn ontsnapping geweest aan de realiteit. 
Als baby werd ik geconfronteerd met oogkanker. Hierdoor ben ik op 13 maanden oud geopereerd en is mijn linkeroog compleet weggenomen. Als jong kind betekende dat nog veel ziekenhuisopnames voor controle en zelfs nu nog word ik om de 6 maanden gescreend. 
Mijn mama is ook een grote fan van fantasy en heeft dit me met de paplepel ingegeven. Kleurboeken met draken, eenhoorns en elfjes, verhaaltjes over heksen en tovenaars, magische speelsets waarmee ik zelfs in het ziekenhuis even kon ontsnappen aan de steriele kamer… Daarnaast was Charmed mijn favoriete serie toen ik een jaar of 8 was wat resulteerde in dat ik later een heks wilde worden. Ik verslond het ene na het andere boek over wicca en alles wat daarbij kwam kijken, richtte mijn eigen (kinder)heksenkring op, verzon rituelen en spreuken… Ik kon me er helemaal in verliezen en nu nog. 
Tegen mijn jongere-ik kan ik dan ook met trots zeggen dat ik een schrijvende heks ben geworden die haar magie graag deelt met anderen.

Wat heftig, maar ook bijzonder! Je zei al dat je wilde laten zien dat niet alle heksen slecht zijn, zoals veel verhalen je doen geloven. En je bent zelf heks. Is het fijn om dat imago, en dus de bijkomende vooroordelen, op deze manier tegen te spreken en te laten zien hoe het echt zit?
Ja, toch wel. Vroeger, in het middelbaar, werd ik soms wel eens vies bekeken als ik liet vallen dat ik wicca tof vond en me zelf eerder zag als een heks. Zelfs in onze moderne tijden heeft hekserij, en eigenlijk zowat alles wat met fantasy te maken heeft, nog steeds een grimmige uitstraling. Je wordt al snel bestempeld als een freak of een nerd als je van die dingen houdt. 
Wicca is veel meer dan vervloekingen en voodoopoppetjes, het pentagram heeft in principe niets te maken met de duivel en zwarte katten brengen helemaal geen ongeluk. Via mijn verhalen kan ik die kennis delen met de lezers waardoor ze hopelijk ook een andere kijk krijgen op magie en fantasie in het algemeen.

Gelukkig helpen de series die jij noemde ook al een beetje, maar verhalen zoals deze natuurlijk nog eens extra. Is dat waarom je graag dicht bij de realiteit blijft, om het zo meer invoelbaar te maken?
Deels, als is het vooral gewoon omdat ik zelf graag Urban Fantasy lees. Een verhaal dat je aan het twijfelen zet over je eigen realiteit, wat is er leuker dan dat?  
Ook mijn Muse Academy boeken spelen zich af in onze wereld, hetzij op een kunstschool gelegen op een Griekse eiland waar Griekse mythologie tot leven komt. Hoeveel lezers me al hebben verteld dat ze dromen van Helikon en zelf een student willen zijn aan Muse Academy is onvoorstelbaar. Maar stiekem doe je het wel daarvoor als auteur. Om je lezers even mee te nemen naar de plaatsen en avonturen die jij hebt gecreëerd.

Dat viel mij meteen op: dat jij je volledig inzet voor je verhaal. Is er een legende of mythologie die net een streepje voor heeft bij jou?
De Griekse mythologie om mee te beginnen. Ook weer iets waarvoor mijn mama verantwoordelijk is. Het allereerste boek dat ik ooit zelf mocht uitkiezen in de winkel, was er eentje met Griekse mythen op kindermaat.
Verder heeft de Arthuriaanse legende  een speciaal plekje in mijn hart. Mijn echte naam, Meaghann, is namelijk van Keltische oorsprong. Dus ergens zat die fascinatie er wel aan te komen.

Met recht met de paplepel ingegoten! Als je een mythe of legende mocht kiezen waarin jij een rol zou mogen spelen, welke kies je dan en met welke reden?
Goh, dat is een moeilijke keuze… Een Amazone lijkt me wel tof om te zijn. Lekker stoer met genoeg avonturen om te beleven. En toevallig is mijn Dungeons & Dragons personage er eentje!
De Arthuriaanse legende induiken lijkt me ook wel tof, met zwaard en magie uiteraard. Vooral als ik de sidekick van Merlijn en Arthur mag zijn.

Wat mij opviel is je behoorlijke empathie. Dat zie je meteen aan de personages die je hebt neergezet. Hoe was het voor jou om ze tot leven te zien komen?
Ik ben zelf een empathisch en emotioneel persoon, dus voor mij is het belangrijk dat mijn personages eerder 3D aanvoelen voor de lezer zodat ze er een klik mee krijgen. Dat is niet altijd even makkelijk aangezien je als schrijver een scene in je hoofd kan hebben die jij ziet als een film, maar daarna moet je die ‘film’ in woorden weten te vertalen zodat je lezers ongeveer hetzelfde beeld voor zich krijgen. Zelf probeer ik zoveel mogelijk in de huid van mijn personages te kruipen zodat ik echt kan handelen en praten vanuit hoe zij zijn. Het klinkt misschien een beetje roleplay achtig, maar voor mij werkt dat het beste om elk karakter zijn eigenheid te geven. 
Maar natuurlijk blijft het spannend als er op die ‘release’ knop wordt gedrukt en je verhaal, en dus ook je personages, ineens worden gedeeld met de wijde wereld. Dan pas komt alles echt tot leven.

Je benoemde al dat je D&D speelt. Maakt dat het voor jou makkelijker?
Eigenlijk speel ik nog niet zo lang D&D. Ik denk nog maar sinds december vorig jaar. Maar ja, ik merkte wel dat mijn schrijfervaringen me hielpen om D&D snel onder de knie te krijgen. In de omgekeerde richting zullen de D&D sessies ook wel een positieve invloed hebben op mijn schrijven. Het is namelijk zo dat het groepje waarmee ik speel, vooral bestaat uit medeschrijvers. Om die reden kunnen we het niet laten om af en toe, buiten onze speelsessies om, een kortverhaal te schrijven over onze karakters in het spel. We zullen dat dan maar beroepsmisvorming noemen.

Wat leuk dat jullie dat doen! Om even terug te komen op de wijde wereld: wat is het spannendste gedeelte als mensen ineens je verhaal kunnen lezen?
De reacties vooral. Wat gaan de lezers denken? Vinden ze het wel spannend genoeg? Herkennen ze zich in de personages? Vonden ze het verhaal leuk? Als schrijver lees je toch altijd de recensies over je eigen boeken met een heel klein hartje. En dat zwijg ik nog over de Biblion recensie. Dat is altijd nagelbijten aangezien daar best veel vanaf hangt.

Vielen de reacties je mee?
Tot nu toe wel. Af en toe zijn er natuurlijk iets mindere reacties die dan door je hoofd blijven spoken, maar 95 procent is steeds positief.

En terecht dat het overgrote deel positief is. Het is dan ook een prachtig verhaal, waarvan de lezers staan te popelen hoe het verder zal gaan. Heb je al een tipje van de sluier?
Wel, ik kan alvast verklappen dat in het tweede deel van De Van Helsingkronieken we lichtjes in de Egyptische mythologie gaan duiken.

Dat klinkt veelbelovend! Ben je ook nog met andere verhalen bezig?
Jazeker! Voor het moment heeft vooral deel 3 van Muse Academy voorrang, maar ik ben ook bezig met een piratenverhaal en een jeugdboek waarin mijn kat de hoofdrol speelt. Uitgeschreven ben ik dus voorlopig nog lang niet.

Heb jij een voorbeeld qua auteur?
J.K. Rowling heeft natuurlijk mijn jeugd een magische tint gegeven en ook Rick Riordan behoort tot mijn persoonlijke helden.

Wat heb jij van hen geleerd dat je meeneemt in je eigen werk?
Om te beginnen doorzettingsvermogen. Ook Rowling en Riordan kregen te maken met afwijzingen en kijk waar ze nu staan. Daarnaast schrijf ik net zoals zij de verhalen die ik gewoon zelf wil lezen. Want daar begint het altijd bij.

Wat is jouw ultieme droom op schrijfgebied?
De grote droom blijft toch wel vertalingen van mijn werk. Vooral het Engels staat hoog op mijn verlanglijstje. De boekenbeurs mag ook elk jaar terugkeren op mijn eventlijst. Vorig jaar was dat een droom die dankzij Creatief Schrijven in vervulling ging.

Over de boekenbeurs gesproken: wat vind jij het leukste aan contact met (potentiële) lezers?
Naast het schrijven is het op pad gaan met mijn verhalen het liefste wat ik doe. Net omdat ik dan een praatje kan maken met (potentiële) lezers over mijn boek, vragen meteen kan beantwoorden en ze hopelijk intrigeren met mijn verhalen. 
Mijn meest favoriete reactie tot nu toe was van een meisje waarmee ik zeker een half uur lang heb staan babbelen op een event waarna ze met mijn eerste boek naar huis ging. De volgende morgen had ik al een bericht van datzelfde meisje. In de auto op weg naar huis was ze beginnen te lezen en ze heeft gewoon doorgelezen totdat het verhaal uit was. Ze kon het boek namelijk niet neerleggen. Ja, ik geef het toe, op dat moment deed ik toch een klein vreugdedansje.

Wat een mooi compliment! 
Welk personage, van al je werk, lijkt het meeste op jou? 
Ik denk toch Imogen uit Muse Academy. Met haar passie voor schrijven en het feit dat ze tot de Onderwereld en terug zou gaan voor de mensen om wie ze geeft, zijn eigenschappen die ik bij mezelf ook terugvind.Lux uit De Van Helsingkronieken heeft dan weer mijn liefde voor magie.

Waar en hoe schrijf jij het liefste?
Ik heb het geluk dat ik een eigen bureau heb waar ik naar hartelust kan schrijven. Verder heb ik het liefst stilte rondom me en voel ik me het meest inspiratievol tijdens de avond/nacht. Combineer dat met drie honden en twee katten om me gezelschap te houden en je hebt mijn ideale schrijfhabitat.

Magische verhalen

13 minuten: een sterk staaltje psychologie

13 minuten van Sarah Pinborough zit psychologisch zo sterk in elkaar, dat deze young adult per direct mijn hart heeft gestolen.
De beleveniswereld van jongeren is weergaloos neergezet, en zo goed uitgewerkt, dat je als lezer zelf rondwandelt in ‘het wespennest’, zoals één van de personages hun school noemt, en je als het ware hun levens observeert en langzaam maar zeker ontdekt wat er die dramatische nacht gebeurd is.
Natascha was namelijk 13 minuten dood, maar hoe dat kan en wat er heeft plaatsgevonden is een volslagen raadsel. Samen met de betrokkenen is het aan jou om de ware toedracht en daders te ontdekken.

Op een vroege ochtend wordt Natascha levenloos in de rivier gevonden door een toevallige wandelaar. Wonder boven wonder weten de opgeroepen medici haar hart weer op gang te brengen, maar Tascha heeft een probleem: ze heeft geheugenverlies en heeft geen idee meer hoe ze daar terecht is gekomen.
Ook al heeft ze geen ernstige verwondingen, en wordt een ongeluk niet uitgesloten, haar leven is vanaf dat moment niet meer zoals het was. Ze wordt geplaagd door nachtmerries, maar het zijn haar beste vriendinnen, Hayley en Jenny, die haar normaal gesproken onwrikbare leven op zijn grondvesten doet schudden. Ze gedragen zich ronduit vreemd. Paranoïde en soms ronduit agressief, lijken zij gebukt te gaan onder op zijn minst schuldgevoel. Ze stonden als drietal bekend als de Barbie’s, de koninginnen van de school, maar van hun onaantastbare imago blijft weinig over.
Samen met haar voormalig beste vriendin Becca, die sinds hun breuk tot de losers behoort, gaat Tascha in het geheim op onderzoek uit wat er echt is gebeurd in de nacht die haar bijna fataal is geworden.

Het verhaal is geschreven vanuit meerdere perspectieven: Becca, een sympathiek en wat onzeker meisje, maar boordevol creativiteit en veel slimmer dan zij zich voordoet.
Tascha leer je kennen door middel van haar dagboekfragmenten, welke zij bij moet houden van haar psycholoog. Tevens zijn de gesprekken met diezelfde psycholoog woord voor woord opgenomen in het verhaal. Zij is precies wat je van een leider van het populairste groepje verwacht: meedogenloos, manipulatief en volledig in control. Maar nu dat laatste haar dreigt te ontglippen, ze haar gevoelige kant steeds meer laat zien en ze sowieso al angstig is door alle gebeurtenissen, leef je toch met haar mee en komt zij gaandeweg steeds menselijker over.
Bennett is de vrouwelijke rechercheur die op de zaak is gezet. Van haar lees je aantekeningen, zowel verhoren als brainstormsessies met zichzelf. Het is duidelijk dat ze een vastberaden en intelligente vrouw is, die koste wat het kost wil ontdekken hoe het zit.

Door deze drie perspectieven tegenover elkaar te zetten, is een bepaalde synergie ontstaan die elkaar versterkt. Je leert hen zo goed kennen, omdat niet alleen wat ze meemaken aanwijzingen bevat, maar je als lezer zijnde ook deelgenoot bent van hun gedachtegang en gevoelens en hierdoor steeds een stapje dichter bij de waarheid komt.
Maar natuurlijk ontbreken in het verhaal ook de nodige persoonlijke struggles en drama’s niet, die zich naast de puzzel afspelen, en daardoor zorgen voor een levensecht en realistisch beeld, waar je als lezer alleen maar van kan smullen. Het geeft het verhaal net even dat tikje meer veelzijdigheid en maakt het nóg spannender, omdat niets is wat het lijkt en alles even verdacht is. Je zou er zelf bijna paranoïde van worden…
Oh, en die ontknoping? Wees voorbereid om volledig van je stoel geblazen te worden. Zeg niet dat ik je niet gewaarschuwd heb…

13 minuten mag wat mij betreft dan ook per direct als serie op Netflix verschijnen, want dit verhaal hoort beslist thuis is het rijtje van Pretty Little Liars, Dare Me en Riverdale. Het is werkelijk onmogelijk om het boek niet in één ruk uit te lezen, maar als hij eenmaal uit is, wil je alleen maar meer. Dus kom maar op!

Magische verhalen

Hell City: de laatste halte

Joanne staat bekend om haar grote talent: plotwendingen. In Hell City heeft zij deze vaardigheid tot een kunst verheven! Deze bijzondere novelle bevat namelijk zoveel lagen, en dat in relatief weinig woorden, dat het alleen daarom al bijzonder vermakelijk is om te lezen.
Maar laat ik bij het begin beginnen.

Allie wordt wakker in een brandend gebouw met een flinke paniekaanval. Herinneringen aan wie ze was en haar leven vervagen al snel; ze is er namelijk van overtuigd dat ze overleden is en in de hel is beland, waarvan zij ook vindt dat ze dat verdient. Veel weet ze niet meer, alleen dat zij mensen op afstand hield en constant boos was, op alles en iedereen.
Als ze de paniek redelijk onder controle heeft, gaat ze op onderzoek uit in haar nieuwe omgeving. Het vuur lijkt haar niet te kunnen raken, de hele stad blijkt in vuur en vlam te staan. Maar bovenal is het verlaten, ze is op zichzelf aangewezen.
Op dag één treft zij al het eerste gruwelijke monster dat deze stad bewoond en waartegen zij moet vechten. Een nachtmerrie begint…

Niet alleen Hell City zelf wordt uitmuntend beschreven, ook de monsters lijken regelrecht afkomstig uit een horrorfilm. Het geheel wordt versterkt door prachtige illustraties, waaromheen het verhaal is ontstaan. Dat alleen al maakt het een bijzonder boek, maar het is het verhaal dat echt raakt.
Joanne weet de spanning namelijk flink op te bouwen door je constant kleine hints te geven, maar ook door je op het verkeerde been te zetten. Uiteindelijk had ik wel door hoe het zat, maar het hoe en waarom kwam behoorlijk binnen en liet mij sprakeloos achter.
De plot is zo treffend en boven verwachting, maar tevens zo krachtig en meedogenloos, dat je in verbijstering achterblijft.
Ik kan er natuurlijk niet veel over verklappen, ik wil alleen nog benadrukken dat de andere talenten van deze auteur daardoor van elke letter spatten.

Kort en krachtig; dat is beslist van toepassing op deze novelle. Ieder stuk van het verhaal zit weergaloos in elkaar. De monsters, waarvan eentje mij in de nacht bezocht, omdat deze zo levensecht geschetst worden. Maar ook het hele verhaal achter Allie. Met weinig woorden, die daardoor alles zeggen, is zij een levensecht personage en haar gevoelens en gedachten zijn voelbaar in elke porie. En om het af te maken komt de omgeving per direct tot leven, het kost de lezer geen enkele moeite deze voor zich te zien en ten volle te beleven.

Het schrijven van een kortverhaal is een kunst op zich en de auteur heeft wat mij betreft bewezen hierin een gave te bezitten.
Als je zo’n sterk verhaal kan vertellen, met zo’n knaller van een plot, dan ben je in alle facetten geslaagd als schrijver zijnde.