Magische verhalen

Het veilige huis

Toen ik begon in Het veilige huis, had ik geen idee waar de reis mij naartoe zou brengen.
Ja, naar Frankrijk, naar een idyllisch en afgelegen landhuis, afgesloten van de buitenwereld. Maar het hoe en wat was nog een volkomen raadsel. En dat raadsel bleef, waardoor ik tot op het puntje van mijn bank gedwongen werd, niet meer kon stoppen met lezen en mezelf verloor in het verhaal van Emily en Scott. Maar laat ik bij het begin beginnen.
Emily is een heerlijk personage. Door haar levensstijl en houding ten opzichte van de wereld, vervalt ze van de ene op het oog onoplosbare situatie in de andere. Ze is een actrice zonder ooit een rol gekregen te hebben, wordt constant ontslagen bij andere uitzendbanen en dreigt ook nog eens uit huis gezet te worden door een fikse huurachterstand. En dan is daar Scott, haar redder in nood, die haar een ietwat vreemd voorstel doet, maar waardoor al haar problemen als sneeuw voor de zon zullen verdwijnen. Emily gaat gretig op het aanbod in en verwelkomt haar nieuwe leven in Frankrijk als rechterhand van de vrouw van Scott op hun prachtige landhuizen en terreinen. Het lijkt allemaal te mooi om waar te zijn, maar Emily negeert alle signalen ondanks dat ze voelt dat er iets niet klopt. Iets waar ze haar vinger niet op kan leggen. Het is het begin van een mysterieus verhaal, waarbij je constant op het verkeerde been wordt gezet en kleine brokjes informatie krijgt die uiteindelijk samenkomen in een explosief plot.

Het verhaal is geschreven vanuit twee perspectieven: Emily en Scott. Vooral de laatste heeft mij in het begin de stuipen op het lijf gejaagd. Scott is een huiveringwekkend personage, hij kruipt onder je huid en beneemt je zo nu en dan de adem. Door de beschrijving, zijn gevoelens en gedachten heb je het gevoel te maken te hebben met een psychopatische persoonlijkheid. Omdat Emily volledig voor zijn charmes valt, zou je haar toe willen schreeuwen om vooral rechtsomkeert te maken. Ze lijkt zijn slachtoffer, ook al heb je geen idee van wat precies. Door steeds maar een minuscuul puzzelstukje te geven, weet de auteur je te prikkelen en is de spanningsboog immens. Wat knap is, is dat deze spanning door het gehele verhaal heen blijft. Zodra namelijk de vrouw en dochter van Scott hun intrede in het verhaal maken, is het mysterie compleet. Zijn dochter spreekt geen woord en bij zijn vrouw krijg je de indruk dat ze daar opgesloten zit in haar ivoren toren, zonder uitweg en compleet onderdrukt. Maar klopt dit alles wel?

Downes heeft de gave om het verhaal zo perfect op te bouwen dat je weliswaar langzaam je vermoedens krijgt, maar tegelijkertijd twijfels. Het kan alle kanten op waardoor het geen moment voorspelbaar wordt. Natuurlijk zie je uiteindelijk hoe het zit, maar de weg daarnaartoe is in volle vaart en meedogenloos.
Het geheel is zo subliem geschreven, dat je na het omslaan van de laatste pagina geenszins teleurgesteld bent. Werkelijk alles klopt en niets van de uiteindelijke antwoorden is achteraf een deceptie. Sterker nog, het geeft een bizarre maar tevens logische verklaring voor alle mysterieuze gebeurtenissen die je door de ogen van Emily meemaakt en je leert Scott bijzonder goed kennen. Tel daar een vloeiende schrijfstijl bij op, die zo heerlijk leest dat je de omgeving om je heen volledig vergeet. Wees dus voorbereid dat Emily en Scott voor een paar uur je leven compleet gaan beheersen.
Al met al is Het veilige huis voor mij tot nu toe dé thriller van 2020 en het zal lastig zijn om dat te evenaren. Ik ben fan en zéér benieuwd naar het volgende boek van deze talentvolle auteur.

Bijzondere gesprekken

In gesprek met Ilona van Hilst

Ilona van Hilst heeft met De uitweg een avonturenroman van formaat geschreven. Toch is het niet het avontuur an sich dat het verhaal kracht verleent, dat is namelijk het enorm sterke staaltje psychologie dat van de pagina’s spat. Mede daarom werd ik zeer benieuwd naar deze auteur. Wat drijft haar? Hoe komt het dat zij de psyche van de mens zo goed doorziet? En bovenal had ik de vraag hoe zij op dit onderwerp was gekomen.
Het werd een bijzonder gesprek, waarvan ik met volle teugen heb genoten. Door haar openhartigheid en enthousiasme heeft zij mij een kijkje in haar leven en haar schrijven gegeven en dat wil ik graag delen.

Ik heb meteen een prangende vraag: hoe komt het dat jij zo sterk bent in het omschrijven van de menselijke psyche?

Dat is nogal wat, dat je me dat toedicht, na het lezen van mijn boek. Het voelt als een groot compliment, omdat de “menselijke psyche” me enorm boeit. In ‘De uitweg’ kwamen de personages als vanzelf tot stand. Het is tegelijk een moeilijke vraag. Het is iets waar ik geen moeite voor doe, in mijn hoofd staat die sensor (zo zal ik het maar even noemen) continu ‘aan’. Ik observeer graag mensen. Ook luister ik liever dan dat ik praat. In mijn hoofd bedenk ik hoe de onderlinge relatie en interactie tussen mensen is. En dat kan ik blijkbaar goed op papier krijgen in woorden. Omdat ik vrij snel situaties en mensen aanvoel, is er wel een keerzijde want ik ben erg sfeergevoelig. Dan moet ik echt moeite doen om me niet van mijn apropos te laten brengen.

Dat klinkt als een empathische persoonlijkheid. Ik kan mij zo voorstellen dat het soms best lastig is. Verwerk je deze indrukken in je verhalen?
Oh zeker, ik gebruik deze indrukken, soms ook onbewust valt me achteraf op. Maar mijn personages zijn geen bekenden van mij, het zijn combinaties van mensen die ik interessant vind, of over wie ik gelezen heb. Inlevingsvermogen is wel een voorwaarde om geloofwaardig te kunnen schrijven, lijkt me. Wat overigens niet betekent dat ik autobiografisch schrijf. In De uitweg zijn de vrouwen Marcia en Gina twee uitersten, maar ik zie in hen allebei stukjes van mezelf terug (welke, dat hou ik liever geheim haha). Ik vraag me soms af hoe een moordenaar zich voelt en of ik dat zou kunnen opschrijven; ik denk het wel. In Oogvocht is François een klein voorbeeld daarvan. Eigenlijk wil ik mezelf uitdagen om steeds verder te gaan in nieuwe boeken, mijn grenzen opzoeken waar ik niet over kán schrijven bijvoorbeeld. Dankzij mijn werk heb ik trainingen mogen volgen, had ik omgang met veel verschillende menstypes, heb ik multidisciplinaire projecten en workshops geleid, dus heb ik snel geleerd inzicht te krijgen in mijzelf en anderen. Boeiend, maar voor een gevoelsmens als ik komt dat akelig dichtbij.

Manipuleren speelt ook een grote rol. Hoe was het om je daarin in te leven?
Manipulatie, verleiden, vertrouwen, haten, liefhebben; het zijn menselijke eigenschappen waarmee ik makkelijk schaak, of schakel, in mijn hoofd. Ze liggen ook best dicht bij elkaar. Maar eerlijk gezegd gaat dit automatisch, ingegeven door de verhaallijnen, want die brengen dit vanzelf teweeg. Ik denk er niet over na volgens mij. Best bizar eigenlijk, dat realiseer me maar al te goed.

Zijn het dan de personages die het verhaal schrijven met jou als instrument, of heb je van tevoren een vastomlijnd plan?
Hahaha, wat was er eerst: de kip of het ei? Het is echt een wisselwerking. Ik bedenk weliswaar het verhaal, maar wát de personages zeggen, denken en doen dát bepalen de personages. Ik laat mij volledig leiden door ze, inderdaad als hun instrument. Maar mijn werkwijze is dat ik de personages vooraf creëer. Hun eigenschappen leg ik vast in een document (zodat ik een consistent beeld hou). Dat is gebruikelijk hoor, voor schrijvers. Het verhaal, plot, locaties, persoonsnamen en andere zaken bedenk ik daarna om de personages heen. Dit proces duurt hooguit drie uur, want ik ga associërend te werk. Voor De uitweg maakte ik nog een tekening van de grotwoning, zodat ik begreep waar dingen zich afspeelden. Voor ieder boek zet ik de verhaallijnen in hoofdstukjes van vijf regels op, zodat ik weet wat er wanneer er gebeurt. Ik ga onderzoek doen, dat is het derde document, voordat ik echt aan het manuscript kan beginnen. Voor De uitweg ben ik bijvoorbeeld in de evolutie gedoken, omdat ik dat per se in dit boek wilde verwerken. Heel erg leerzaam hoor, boeken schrijven. 😉

Er kwam dan ook een leuke ontdekking uit voort ;-). Welk personage heeft jou tijdens het proces het meest verrast?
Ja, Marcia heeft mij op dat moment ook erg verrast, ik zag dat helemaal niet aankomen. Wie mij het meest verrast heeft? Absoluut Marcia, om wat ze gedaan had, vanwege de ontdekking die je zojuist noemde. Ze was voor mij een rechtschapen vrouw, ik heb mezelf dus vergist. Volgens mij kan iedereen in het leven over de schreef gaan, afhankelijk van de omstandigheden.

Dat spat ook van de pagina’s af: menselijkheid. Maar ook thema’s als rouw, traumatische gebeurtenissen en verwerking. Wat knap is, is dat je dat niet over de top beschreven hebt, maar gewoon zoals het is. Je merkt dan zeer zeker dat dat puzzelen hoe de menselijke geest in elkaar zit je ligt. Was dat voor jou ook het leukste en meest uitdagende aan het schrijven van De uitweg?
Dank je wel, dat beschouw ik als een groot compliment. Ik weet, als een manuscript klaar is, nooit of mijn bedoelingen zo overkomen, omdat ik er middenin zat. Mijn oorspronkelijke uitdaging was om een groep, dus veel personages op te voeren, die de lezer niet in verwarring zouden gaan brengen en toch allemaal een rol hadden in het geheel. In De uitweg zocht ik daarin mijn grenzen voor het schrijven. Dat was een risico. Hopelijk is dat gelukt.

Dat is het zeker! Wat geeft schrijven jou?
Het is een uitweg voor mijn fantasie, die er altijd is, maar vaak wordt hij versterkt. Krantenberichten maken mij meestal down, net als ellende van mensen en dieren. Maar het creëren van een verhaal biedt een eigen werkelijkheid. En omdat ik de personages “niet naar mijn hand kan zetten” is dat pure ontspanning. Ik beleef een verhaal maandenlang als een spannende film, waarin ik niet weet wat er gaat gebeuren en vooraf alleen de hoofdlijnen ken. Aan het eind kan ik terugkijken op iets moois, of ben ik teleurgesteld.

Wat heeft jou het meest geraakt tijdens het schrijven van De uitweg?
Dat waren meerdere dingen eigenlijk. Ik moet even voorzichtig zijn om geen spoilers weg te geven. Wat er gebeurd is met Eva en de gevolgen voor Tom, vond ik heftig. Dat Chris door Eva’s situatie zijn eigen leven onder de loep nam. Maar ook het deel van de evolutie, daar ben ik ingedoken en ik was geraakt door de weg die de mensheid heeft afgelegd tot de menssoort die we nu zijn. Het zet me aan het denken wat de toekomst voor ons in petto heeft. Blijft ons brein en lichaam zich aanpassen aan de veranderende leefomgeving zodat we op aarde, of misschien in de ruimte, kunnen overleven? En na het schrijven raakte de redigeer sessies met de redacteuren me, dat had ik niet verwacht.

In welke zin werd je door de redactie sessie zo geraakt?
De redactie sessies hebben ontzettend veel waarde toegevoegd aan mijn manuscript. Ik dacht aanvankelijk, toen ik het ingeleverd had bij mijn twee proeflezers en daarna bij Batavia Publishers, dat het redelijk klaar was, maar dat bleek niet zo te zijn. Dat opende mijn ogen. Ik werd er heel gelukkig van, dat er inhoudelijk zo goed was gelezen. Ook omdat de opmerkingen mij vrijblijvend werden aangeboden, het waren suggesties om mijn verhaal te versterken. Ik mocht ermee doen wat ik het beste vond. Een zeer empathische benadering. Wat een openbaring, ze hadden de vinger op de zwakkere plekken gelegd! Eerlijk gezegd ben ik  geneigd om commentaar alleen te accepteren van professionals, mensen die hun vak verstaan. Dat was hier het geval. Deze redacteuren hebben mij echt geraakt.

Wat fijn! Dat brengt het verhaal alleen maar tot nog grotere hoogte. Ben je al bezig met een volgend boek of zit je nog volop in de roes dat deze net gepubliceerd is?
Batavia Publishers wil mijn eerste twee boeken ook gaan uitgeven. Ik zit nu dus in de herschrijf fase van die twee, die ik in 2016 heb uitgebracht in eigen beheer. Herschrijven is best lastig merk ik, de verhalen zijn goed genoeg vind ik, maar mijn kennis van schrijfvaardigheid is verbeterd. Een nieuw verhaal moet dus nog even wachten. Ook omdat ik aan het genieten ben van deze tijd van de De uitweg. Ik heb mezelf inmiddels weten aan te leren om stil te staan bij geluksmomenten in plaats van door te hollen naar het volgende. Maar zodra ik voor een nieuw verhaal ga zitten, komt het vast weer vanzelf goed.

Heb je al inspiratie? 
Nee, ik laat het niet toe gewoon. Zodra ik ga zitten nadenken over een verhaal, dan kan ik niet meer stoppen. Alhoewel, er borrelt wel iets in mijn hoofd wat ik graag eens zou willen schrijven, maar daar kan ik niets over zeggen… sorry. 🙂

Geeft niets ;-). Wat is jouw grootste droom op schrijfgebied? 
Dat is een inkoppertje, want de grootste droom van iedere auteur is dat zijn verhalen internationaal worden uitgegeven. En de ultieme droom is een boekverfilming, maar uitsluitend door een grote filmproducent met een groot budget voor acteurs en decors. Als je droomt moet je het in het groot doen, toch? Ik moet er zelf hard om lachen hoor, want dat gebeurt natuurlijk never nooit.

Zeg nooit nooit… Over internationaal gesproken: in je verhaal gaan de personages allemaal op reis. Je omschrijft Lanzarote op dusdanige wijze dat ik er zelf per direct heen zou willen. Ben je zelf ook zo reislustig aangelegd?
Fijn dat Lanzarote er gunstig in uitkomt, dat verdient het eiland. Het is mysterieus en is enig in zijn soort, maar daarom niet ieders ding. Ik reis graag en ik voel me overal happy. Ik ben op vakantie naar veel landen geweest, daarvan heb ik erg genoten. Maar nu houden mijn partner en ik het graag bij Spanje, onder andere voor een “schrijversretraite” in een vakantiehuis in de buurt van Alicante.

Wat is voor jou de ideale schrijfomgeving?
Ideaal is een hutje op de hei, denk ik. Maar eerlijk gezegd kan ik me overal en elk uur van de dag wel goed op het schrijven concentreren. Alleen bepaalde geluiden halen mij uit mijn ritme, zoals overvliegende vliegtuigen (ik woon bij Schiphol), sirenes, maaimachines, bromfietsers. Thuis zit ik altijd met mijn laptop op schoot in de woonkamer, het is niet anders, maar wel lekker huiselijk.

Wat kunnen wij in de toekomst van jou verwachten?
Een compleet nieuw en verrassend boek, hoop ik. Toch zeg ik altijd na een laatste boek: dit lukt me niet nog een keer…

Magische verhalen

De uitweg

Toen ik begon te lezen in De uitweg was ik heel even misleid door de term ‘avonturenroman’. Dit genre kenschetst zich immers door de bekende weg: het hoofdpersonage gaat op reis, komt in levensgevaarlijke situaties terecht en moet middels een vaak fantasierijk avontuur alles en iedereen verslaan om vervolgens als held weer terug naar huis te keren.
Persoonlijk vind ik dat je daarmee De uitweg ietwat tekort doet, want wat een sterk staaltje psychologie! De manipulatie, intriges, maar bovenal menselijke strubbelingen, geheime agenda’s en bijzonder goed uitgediepte personages voeren beslist de boventoon. Natuurlijk moet je een verhaal nou eenmaal voorzien van een genre, en ik snap waarom voor deze term gekozen is, maar wat mij betreft heeft Ilona van Hilst een geheel eigen thematiek aan de grond gelegd.

In de uitweg volg je meerdere en uiteenlopende personages, maar het geheel is veelal vanuit drie perspectieven beschreven.
Om te beginnen Chris. Hij is Nederland ontvlucht om een eigen vakantieverblijf te starten op Lanzarote. Een groep vrienden komt bij hem voor een welverdiende week vol ontspanning, maar niet als het aan hem ligt. De zelfbenoemde coach heeft heel andere plannen met de groep, maar dan gaat het mis. Door een blikseminslag komt Chris met de vrienden vast te zitten en raken zij geïsoleerd van de buitenwereld.
Chris is een interessant personage, het is namelijk moeilijk om hoogte van hem te krijgen en te ontdekken wat zijn ware beweegredenen zijn. Hierdoor is de spanningsboog hoog en de opbouw daarvan subliem. Toch is het de interactie met de vriendengroep die het geheel tot een staande ovatie voor de auteur brengt. Ook deze mensen hebben allemaal hun eigen issues en de synergie als groep onderling voedt dat dusdanig dat je ook bij hen moet en zal weten hoe het nou precies zit.

Om echte ontspanning te ervaren heeft de groep hun kinderen ondergebracht bij de vader van één van hen. Deze sympathieke oppas opa heeft echter ook zijn eigen plannen, maar tevens een roerig verleden en groot geheim.
Door dit personage toe te voegen en dit deel van het verhaal, is een nóg sterker geheel ontstaan. Ook bij hem is het mysterie groot, waardoor je al nagelbijtend tot het puntje van je leesstoel komt.

Als laatste en zeker niet als minste is er nog de vrouw van Chris. Met haar werk als antropoloog heeft zij een grote ontdekking gedaan en reist af naar Leipzig om haar bevindingen te presenteren aan het grote publiek. Daar aangekomen krijgt zij echter te maken met obstakels uit het verleden, corrupte collega’s en moet zij haar eigen uitweg uit deze soms ronduit gevaarlijke situatie zien te vinden.
Ook al is dit stuk van het verhaal een geheel eigen avontuur op zich, toch heeft het een ondersteunende factor voor de andere twee personages.

Wat knap is, is dat het geen moment te veel is. Er zijn weliswaar veel personages en situaties, maar door haar toegankelijke en bijzonder vlotte schrijfstijl is er geen moment verwarring wie nou wie is. Door de werkelijk perfecte integratie in het verhaal op te nemen, komt iedereen voor je tot leven en weet je van begin tot eind aan het boek gekluisterd te houden.
Al met al vind ik De uitweg zo gigantisch goed in elkaar zitten, dat het heeft gezorgd voor de nodige uren leesplezier.
Vooral de psychologische kant is voortreffelijk, zodat dit verhaal een belofte inhoudt voor de toekomst. Want schrijven kan deze auteur, maar compleet in de geest duiken van haar personages en het verhaal is absoluut haar grote talent. Ik ben dan ook fan en zeer benieuwd wat zij nog meer voor haar lezers in petto heeft!

Magische verhalen

De uitdager

Na deel 1 van De Contender: De uitverkorene, begon het (ongeduldige) wachten op deel 2: De uitdager. Vorige week was het eindelijk zover en kon ik weer onderduiken op Acies, samen met Cade en zijn bondgenoten. Maar voor ik mijn mening zo spoilervrij als mogelijk geef, eerst even een geheugensteuntje.
In deel 1 maken we kennis met Cade, een sympathieke jongen die in een jeugdgevangenis terechtkomt en op een dag wakker wordt op een bizarre plek waar de geschiedenis tot leven is gekomen. Van dinosaurussen tot slavenhandelaren, en van Romeinen tot overblijfselen uit vroegere tijden; je kunt het zo gek niet bedenken of het is daar te vinden.
Cade gaat op zoek naar het hoe en waarom en na een zinderend en spannend avontuur krijgt hij eindelijk antwoord op de vele vragen die hij heeft. Al had hij deze liever niet geweten…
In deel 2 gaat het verhaal verder en staan de bondgenoten voor een totaal nieuwe uitdaging. Zal het hen op tijd lukken om de benodigdheden voor deze beproeving te vinden en zo de wereld van de ondergang te redden?

Net als in deel 1 leest ook dit deel als een ware rollercoaster vol plotwendingen, actie en avontuur. Nou houd ik niet zo van verhalen vergelijken – elk boek is op zichzelf uniek – maar als ik een poging moet wagen zou een combinatie tussen De hongerspelen, De bijzondere kinderen van mevrouw Peregrine en Rémi van Lara Reims in de buurt komen.
Wat afwijkt, en het een wereld op zich maakt, is dat de wereldgeschiedenis verwerkt is op ludieke wijze. Het speelt een meer dan ondersteunende factor omdat bepaalde gebeurtenissen en beroemdheden een bijzondere rol te vervullen hebben. Maar daarover later meer.
Wat De uitdager namelijk ook bevat is een compleet andere wending van het verhaal. Zelf had ik verwacht dat het zou draaien om een nieuwe opdracht, en dat is ook zo, ware het niet dat Cade en zijn vrienden onderweg met een veel grotere uitdaging te maken krijgen. De oorspronkelijke opdracht verdwijnt hierdoor naar de achtergrond en het geheel draait om de wereld waarin ze terechtgekomen zijn.

Een klein minpuntje vond ik dat de personages dit keer wat oppervlakkiger blijven. Er is zoveel actie, wat meteen leest als een doldwaze achtbaan, waardoor de psychologische ontwikkeling van de personages een beetje naar de achtergrond verdwijnt. Voor het verhaal zelf maakt dat verder niet uit, want dat staat wederom op een sterke fundering, waardoor je zo nu en dan ademloos leest door de opgebouwde spanning en ontwikkeling op dat gebied. Tevens doen nieuwe personages hun intrede in het verhaal en het doel van de auteur is meteen duidelijk: deze zijn nodig om de komende delen nog meer vorm te geven en zorgen er wederom voor dat het wachten op deel 3 een lange zit gaat worden. Want ja, na dit deel wil je meteen door!

Al met al is de auteur geslaagd om te verrassen en zo beeldend en filmisch te schrijven dat je tijdens de gevechten het bloed bijna in het rond ziet vliegen. De actiescènes zijn bombastisch en voelen behoorlijk echt aan, waardoor je nog net niet ineen krimpt als er een verwonding ontstaat. Maar wat mij het meest intrigeert, en wat ik echt een gave vind, is het tot leven brengen van de geschiedenis in een geheel nieuwe wereld en jasje, waardoor heden en verleden samenvloeien in een epische strijd zonder mededogen. Voor liefhebbers van avontuurlijke young adult, met een zeer realistisch kantje in een fantastische setting, is deze reeks dan ook puur genieten!

Bijzondere gesprekken

In gesprek met Margareth Hol

Margareth Hol is met recht een groot liefhebber van Ierland, de Kelten en de vertellingen. In Het volk van Danu combineert zij al deze facetten tot één fantasy verhaal, waar zij duidelijk met veel enthousiasme en plezier aan gewerkt heeft. De oude sagen komen tot leven in een geheel nieuwe setting en verhaal, zonder ook maar een moment de essentie uit het oog te verliezen. Voor mij was dit boek mijn eerste kennismaking met deze auteur, maar ze heeft al meer werk op haar naam staan en ze is nog lang niet klaar met haar ongebreidelde fantasie de ruimte te geven. Hoog tijd dus om meer te weten te komen over deze bevlogen vrouw, die duidelijk wat te vertellen heeft.

Geëmigreerd naar Ierland, een verhaal over Keltische sagen; ik kan wel stellen dat jij een behoorlijke affiniteit met beiden hebt. Wat heeft je doen besluiten om dit boek te schrijven?
Dat besluit heeft te maken met de droom die ik al heel lang koester… een ultiem kinderboek te schrijven. En dat heeft weer te maken met het feit dat lezen voor mij als kind, het verschil gemaakt heeft. Ik las alles wat los en vast zat en moest op een gegeven naar een vaste bieb omdat ik alle boeken uit de biebbus al gelezen had. In Ierland kreeg ik de mogelijkheid en de inspiratie! Ik ben overigens nog steeds bezig met die droom. Maar dat gaat met vallen en opstaan. Alhoewel ik denk dat ik mijn vorm meer en meer vind… fantasie verhalen/ magisch realisme. Hét boek moet nog geschreven worden, maar ik blijf in mijn droom geloven!

Welk boek heeft jou als kind het meest gedaan?
‘Alleen op de wereld’ van Hector Malot.

Is dat voor jou ook de reden geweest dat je zelf wilde schrijven?
Nee, dat niet. Ik vond bijna alle klassieke kinderboeken wel mooi. Al die boeken hebben mijn leven verrijkt en dat wil ik graag aan kinderen doorgeven. Als juf heb ik daarom altijd ook veel met boeken gewerkt. Prentenboeken vind ik ook heerlijk. Ik heb heel lang in een werkgroep leespromotie gezeten die nauw samenwerkte met de bibliotheek uit de buurt. Lezen maakt je wereld groter…

Wat mooi dat je dat deed! Met welke reden besloot jij om Keltische sagen om te zetten in één verhaal?
Ik denk dat ik mijn eigen stempel wilde drukken. Al die bestaande sagen zijn vrij statisch en het is leuk om die te kennen. Zo had ik twee vliegen in één klap; op deze manier konden mensen kennis nemen van bekende Ierse sagen en werden die verbonden met een nieuw ontstaan verhaal met figuren waarmee je je kon identificeren.

Welke is jouw persoonlijke favoriet?
Mijn persoonlijke favoriet is Tir na Nog. Omdat daar ook een mooie moraal in zit over leven en dood… Maar King Lir vind ik ook mooi. Het leuke daarvan is dat die legende ervoor heeft gezorgd dat zwanen in Ierland beschermd zijn en niet gedood mogen worden.

Waar komt jouw fascinatie voor Ierland en zijn vertellingen vandaan?
Het begon met een trektocht door Ierland in een busje. Mijn man en ik voelden ons meteen thuis. De Ieren zijn vriendelijk en geïnteresseerd, het landschap van lieflijk tot ruig, het leven nog ontspannen en niet zo gedicteerd door werken en presteren als in Nederland. Mijn man kon vervroegd met pensioen en we verlangden allebei naar een back to basic bestaan. Of andersom. Dus we besloten daar te gaan wonen. Toen kwam ik natuurlijk steeds meer te weten over Ierland en de Ieren en ging ik me erin verdiepen.

Wat is je daarvan, tot nu toe, het meest bijgebleven?
Moeilijk om daar iets uit te pikken, want er zijn zoveel aspecten. Leven op het platteland vond ik wel een heel groot verschil met leven in een stad. Vriendschap met mensen van een andere cultuur doet ook wel iets met je opvattingen. Ik kijk met heel veel plezier terug op ons leven in Ierland. Helaas is mijn man na 7 jaar overleden en heb ik daar nog 5 jaar alleen gewoond. Dat overschaduwt wel veel herinneringen vrees ik. Dus ik vind het best lastig om hierop te antwoorden.

Dat is dan zeker heel dubbel. Heb je de opgedane ervaringen verwerkt in je verhaal?
Nee, dat heb ik wel gedaan in andere boeken die ik geschreven heb. Maar dit had ik geschreven in de beginjaren toen er nog niks aan de hand was. Ik had het eerst zelf uitgegeven bij Lulu.com en Eric Jan (Batavia Publishers) wilde het wel uitgeven toen hij het las. Lucky me, want het is zo moeilijk om een boek uitgegeven te krijgen!

Wat vond jij daarnaast het moeilijkste aan het hele schrijfproces?
De discipline om wat ik in mijn hoofd heb op te schrijven! Daar moet ik me echt toe zetten. En herlezen en verbeteringen aanbrengen vind ik ook minder. Een boek schrijven is minder makkelijk dan veel mensen denken! Iedereen heeft een verhaal te vertellen, maar het in blijvende woorden vatten is een kwestie van doorzetten. Het klinkt niet als werken, maar dat is het wel.

Hoe spannend is het voor jou als je boeken uiteindelijk gepubliceerd zijn? 
Het is leuk, spannend en een fijne afronding van je werk. Maar het geeft ook wel een wat onzeker gevoel. Ik heb een keer een heel lullige recensie gekregen en het heeft lang geduurd voordat ik die naar waarde wist te schatten. Het ging over een boekje dat ik had geschreven over het leven in Ierland.

Hoe ga jij daarmee om?
Ik blijf er van balen, ook omdat het de enige is over dat boekje en hij tegelijk met de zoekterm opkomt… Maar ik heb er nu niet zo’n last meer van als in het begin. Toen was ik zo pisnijdig. Waarom doet iemand zoiets? Het was zo’n zuur stukje en hij maakte het ook persoonlijk. Dat we in de categorie Omroep Max vielen en zo. Ik ben die man gaan googelen en hij schreef vaker recensies. Altijd negatief. Dat hielp mij al. Het zegt iets over HEM. Waarschijnlijk zou hij zelf graag een boek schrijven maar lukt hem dat niet. Hij woonde ook in Ierland dus ik denk dat hij gewoon jaloers was. Ik heb een tijd lang niet geschreven door  hem. Ik schaamde me rot door die recensie. Toen heb ik hem weer gegoogeld en vond ik een recensie van hem van een boek dat ik zelf ook gelezen had. Een literair boek nota bene. Hier schreef hij dat het een onterechte hype was. Toen was ik bevrijd! Wat een sneue eikel.
Ik ben weer gaan schrijven. Met misschien nog wel meer plezier. Want ik heb mezelf overwonnen. Het is mijn vorm. En dat ultieme kinderboek gaat er komen als het aan mij ligt!

Daar ben ik ook van overtuigd! Is er daarna een reactie geweest die je, naast deze bevindingen, nog meer dat vertrouwen terug gaf?
Ik krijg wel positieve feedback van mijn dierbaren. En ik heb nu twee positieve recensies van mensen die mij niet kennen, waaronder die van jou.  Dus dat is fijn! Ik ben nu sprookjes aan het schrijven en let echt op mijn uitroeptekens dankzij jou. Zo kan het dus ook. Het is niet zo dat iemand geen kritiek mag hebben, het gaat om de manier waarop…

Geheel mee eens. Afkraken om het afkraken heeft niemand iets aan.
Je ultieme droom is zoals gezegd hét boek voor kinderen. Zijn de sprookjes die jij nu schrijft daar al onderdeel van?

Ik heb er wel een heel goed gevoel over! Dus ja, ik denk dat wel.

Heb je een tipje van de sluier?
De sprookjes zijn heel verschillend. Ze gaan over een poppenspeler, een kruidenvrouwtje, een Drakenbloedboom en een eenhoorn. Ik laat mijn fantasie stromen ;-). Ik heb er acht af nu en wil er nog tien schrijven. Heel leuk om te doen!

Klinkt veelbelovend! Wat maakt fantasy voor jou zo bijzonder? Wat geeft het jou?
Ik denk dat ik van fantasie houd omdat het een uitbreiding is van het leven zoals we dat kennen. Het creëert als het ware een andere werkelijkheid. Vaak een die mooier is, maar dat hoeft niet. Fantasie maakt het leven daardoor rijker en voller. Dat geeft mij dan ook een rijker leven. Ik hou van verhalen en schoonheid. Ik hou ook van andere werelden, culturen. Er zijn mensen die het hebben over vluchten in de fantasie, maar ik zie het meer als het uitbreiden van de mogelijkheden die er zijn om het leven te beschouwen. Zoveel malen leuker om in metaforen te denken, dan in realistische feitelijkheden.

Geloof jij ook dat deze ene werkelijkheid echt bestaat?
Ik geloof dat er heel veel werkelijkheden naast elkaar bestaan. Dat iedereen zijn eigen werkelijkheid creëert en beleeft. Je hebt mensen die alleen maar uitgaan van feiten/hun eigen werkelijkheid en er zijn mensen die zich willen voorstellen dat er ook nog andere mogelijkheden zijn. Ik vind het leuker om me met die andere mogelijkheden bezig te houden. Maar dat wil niet zeggen dat ik daar de werkelijkheid in zie. Ik hoef niet in kabouters te geloven om erover te schrijven. In verhalen, en vooral in mythen en sprookjes, zitten tal van universele waarheden verpakt in metaforen en symbolen. Dat is mooi! Want de onderliggende betekenis is dat wij mensen dezelfde liefde kunnen voelen. Maar ook dezelfde angsten hebben en strijden moeten voeren in ons bestaan. Jung en Joseph Campbell hebben hier heel veel onderzoek naar gedaan. Op die manier houd ik van fantasie.

Magische verhalen

Het volk van Danu

Op het moment dat Het volk van Danu onder mijn aandacht werd gebracht, was ik per direct laaiend enthousiast. Een meer dan intrigerende cover, maar het was vooral de teaser die mijn aandacht trok: Keltische sagen samengebracht in één spannend fantasy verhaal. Nu is het namelijk zo dat de Kelten kunnen rekenen op een behoorlijke voorliefde van mijn kant, dus natuurlijk móést ik dit boek lezen. Want zeg nou zelf: de sprookjesachtige sagen, legenden en mythen ontbreekt het geenszins aan verbeeldingskracht, maar het zijn tevens verhalen uit een bijzondere cultuur waarbij vertellen in het bloed zit. Vol verwachting begon het wachten dan ook tot ik mocht beginnen aan dit avontuur, gecreëerd door Margareth Hol.

In Het volk van Danu maken we kennis met uiteenlopende personages en wezens. Van een orakel tot merrows (meerminnen) en van een Kwaadaardig Oog tot ridders in opleiding. Aan veelzijdigheid geen gebrek. Maar het is het verhaal zelf dat staat als een huis.
Danu is de koningin tot zij verstoten wordt door Balor. Het eens zo vreedzame volk, wonend op het meest prachtige eiland ooit, leeft vanaf dat moment in angst voor de eeuwige duisternis die hun eens zo rustige levens dreigt te verstoren.
Finn en Lugh spelen een belangrijke rol in het redden van het volk en eiland. Deze twee personages zijn hartverwarmend, dapper en komen tot leven in een sprookje dat zijn weerga niet kent. Hol heeft deze ridders in opleiding een belangrijke rol toebedeeld en dat op dusdanige wijze omschreven dat je al lezend met hen op een spannend avontuur gaat en steeds een beetje meer mee gaat leven.
Het is nog maar de vraag of het hen zal lukken om de vijand te verslaan en het volk te redden van de ondergang. Door de opgebouwde spanningsboog zit je uiteindelijk op het puntje van je stoel.

Zoals gezegd zijn bestaande sagen omgetoverd tot een verrassend nieuw verhaal. De kinderen van Lir, Tír fo Thuinn, ogham en mijn persoonlijke favoriet Tír na nÓg vormen een belangrijke leidraad. Hol is dicht bij de essentie van deze verhalen gebleven maar heeft ze tevens eigen weten te maken zonder de boodschap uit het oog te verliezen. En dat is knap, want de verhalen zijn daardoor vervlochten tot een geheel nieuwe mythe.
De affiniteit en liefde voor deze Keltische vertellingen spat dan ook van de pagina’s af en is daardoor een genot om te lezen.

Het volk van Danu is vanaf 12 jaar en qua taalgebruik sluit het verhaal daar prima op aan. Een piepklein beetje storend vond ik hier en daar het veelvuldige gebruik van uitroeptekens, waardoor ik merkte dat ik wat schreeuwend begon te lezen. Toch doet dit geenszins afbreuk aan het verhaal, want aan de andere kant blijkt hieruit hoeveel plezier en enthousiasme de auteur tijdens het schrijven had.
Al met al is dit beslist een verhaal voor eenieder die houdt van sprookjes, sagen, mythen en legenden want je wordt per direct ondergedompeld in een fantastische setting waarbij het onmogelijk is om niet weg te dromen.
Ik heb dan ook met veel plezier dit verhaal gelezen en genoten van de strijd tussen goed en kwaad.

Magische verhalen

H@ck: De kolonie

H@ck: De kolonie opent met een quote over waarheid; dat we allemaal een andere zienswijze en perceptie hebben. Deze perfect gekozen quote vormt meteen de leidraad voor dit tweede en afsluitende deel van een werkelijk weergaloos verhaal, al had ik niet anders verwacht van Mirjam Mous.
Holden en Prissy, broer en zus, komen in De kolonie namelijk lijnrecht tegenover elkaar te staan in hun strijd tegen de macht, mede door hun verschillende denkbeelden over de maatschappij waarin zij leven.
Maar laat ik beginnen bij het begin, zonder al te veel spoilers.
H@ck speelt zich af in de toekomst, een wereld die de gevolgen draagt van onze huidige tijd. Na de bange jaren, zoals onze realiteit van nu wordt genoemd, leeft men in perfecte harmonie. Er zijn geen oorlogen, natuurrampen of zelfs maar lijnrecht tegenover elkaar staan. Iedereen is gelijk, vredelievend en meegaand.
De leiders van dit alles willen maar één ding: een harmonieuze samenleving, en doen er alles aan om dat voor elkaar te krijgen.
Holden en Prissy houden zich hier prima aan, tot Holden naar een instituut voor criminelen en wangedragers wordt gestuurd. Na zijn ontdekking van een schuilkelder uit onze tijd heeft hij aldaar gevonden vuurwerk afgestoken, wat natuurlijk niet mag (overlast voor het milieu en er kunnen gewonden vallen). Prissy komt op haar beurt in contact met twee hackers om haar broer te redden of toch maar meteen de complete samenleving…?
Na de spannende (of epische, zoals Holden het zou noemen) rollercoaster waarin broer en zus in deel 1 beland waren, gaat deel 2 nog veel verder, waardoor een pageturner van formaat is ontstaan! Vooral omdat je als lezer ook geen idee hebt wie nou eigenlijk gelijk heeft, Holden of Prissy. Of ligt de waarheid toch net een tikkeltje anders? Stoppen met lezen is dan ook geen optie, tot je eindelijk het verlossende antwoord op deze prangende vraag krijgt.

Wat de binding met deze twee verhalen groot maakt, is dat het zéér realistisch overkomt. Het zou mij in ieder geval geenszins verbazen als deze boeken een kijkje geven in onze toekomst. Uiteraard is de technologie verder dan ooit en zijn al onze huidige problemen als sneeuw voor de zon verdwenen, waardoor een utopie is ontstaan. Maar we kennen allemaal het gezegde: te mooi om waar te zijn, en dat is dan ook flink aan de orde in de door Mous geschetste wereld.
Haar gave is, naast het neerzetten van een levensechte realiteit, om haar personages zo goed te omschrijven, zonder echt in detail te treden, dat er unieke personen ontstaan.
Holden steelt per direct je hart met zijn uitspraken, handelingen en gedachten, terwijl Prissy je voor zich weet te winnen door haar dapperheid, gemengd met lichte onzekerheden, wat haar zowel een stoere meid als innemend tegelijk maakt.
Ook de andere personages hebben ieder een eigen rol te vervullen, vullen aan en weten op bepaalde momenten op eigen wijze de show te stelen.
De combinatie van (spannende en epische) gebeurtenissen, geweldige personages én een verhaal dat aanzet tot nadenken en vooral doorlezen, maakt Het instituut en De kolonie tot toppers in dit genre.

De kolonie is een waardige afsluiter waarin alle vragen worden beantwoord, maar natuurlijk niet voordat je eerst nog even een wilde rit voor de boeg hebt.
Plotwendingen bijvoorbeeld. Bereid je maar voor op zo nu en dan een flinke ‘dit zag ik niet aankomen!’ factor. Want oh, wat word je af en toe verrast, wat het verhaal natuurlijk extra gaaf maakt. En uitermate boeiend.
Wat mij betreft is Mous er beslist in geslaagd om je mee te sleuren naar een wereld die geen enkele young adult liefhebber mag overslaan. Een wereld die zijn klauwen naar je uitslaat en geen moment zijn grip op je verliest.
Al met al heb ik meer dan genoten van deze bijzondere reis, vooral omdat het nog lang niet afgelopen is nadat je de laatste letter gelezen hebt, omdat de opgeworpen vraagstukken over technologie en onze toekomst interessant zijn. Ik bekijk mijn gadgets nu toch ietwat argwanend, want stel je voor… Bedankt, Mirjam 😉.

Magische verhalen

Verslavend lekker!

Altijd al gedroomd van Gossip Girl in een toekomstige setting, met een laagje sciencefiction, rijk versus arm en natuurlijk de nodige schandalen? Plus een smeuïge moord of toch zelfmoord? Dan heb ik dé trilogie voor je die je beslist moet lezen!
In Duizend hoog, Duizelingwekkende hoogte en Torenhoog neemt Katharine McGee je namelijk mee naar het New York van 2119, en dan met name de Upper East Side.
In deze toekomst wordt het eiland gedomineerd door een kilometers hoge toren. Hoe hoger je woont, hoe rijker je bent, en dus meer aanzien en macht geniet. De personages uit dit verhaal wonen allemaal op een andere verdieping, maar toch raken hun levens met elkaar verweven. Het hoe en waarom blijft tot het einde van deel één een grote vraag, maar in de proloog valt al te lezen dat één van hen van de toren valt, haar dood tegemoet. Toch raakt dit gegeven tijdens het lezen naar de achtergrond, omdat het eerst smullen geblazen is van de nodige geheimen waar de personages mee leven.

De trilogie is meer dan interessant door een combinatie van factoren. Natuurlijk spelen de schandalen en geheimen een grote rol, evenals de rijkdom versus lagere wijken. Dat is overigens zo subliem omschreven – en echt Amerikaans – dat ik gewoonweg medelijden kreeg met de mensen die lager in de toren gehuisvest zijn. Tot ik besefte dat ik zelf ook dáár zou wonen. De auteur weet het dus voor elkaar te boksen dat je je volledig in deze wereld inleeft en bijna net zo bizar gaat denken over macht, status en geld. Vooral omdat de personages die lager wonen op een bepaalde manier worden neergezet, al is je in hen inleven een stuk makkelijker.
Daarnaast speelt een snufje sciencefiction een rol. De technologie heeft een razendsnelle ontwikkeling doorgemaakt en de jonge mensen maken hier dankbaar gebruik van. Bijvoorbeeld contactlenzen waarmee je constant in verbinding staat met elkaar en met een hoofdknik de social media van anderen kan bekijken. Maar ook hovercrafts, zwevende dienbladen en robots komen aan bod, vooral in de rijkere lagen. En natuurlijk de uitvinding van de eeuw: kies je make-up en kapsel en een apparaat brengt het voor je aan. Ideaal!

De trilogie is geschreven vanuit meerdere perspectieven, rijk en arm, mannelijk en vrouwelijk. Wat bijzonder is, is dat je eerst immens veel sympathie voor bepaalde personages op kan brengen en een paar hoofdstukken later een bloedje hekel aan ze begint te krijgen. Of juist andersom. Doordat je het verhaal vanuit verschillende oogpunten en zienswijzen voor je kiezen krijgt, wisselt je emotie dan ook flink. Dat betekent tevens dat de personages zo goed zijn neergezet, dat het geheel psychologisch uitmuntend uitgewerkt is.

Maar weer even terug naar de geheimen, manipulatie en daarmee gepaard gaande gevoelens: de trilogie wordt uiteindelijk gekenmerkt door de wisselwerking die mensen op elkaar hebben en hoe onze omgeving daarop van invloed is. Het geheel leest dan ook als een trein, omdat elk hoofdstuk met een minuscule cliffhanger eindigt, en waar het volgende personage het verhaal weer moeiteloos oppakt. Hierdoor is de spanningsboog hoog en raak je zo geïntrigeerd dat je zonder pardon meegesleept wordt in de drama’s van Manhattan. En natuurlijk loopt alles steeds meer uit de hand, waardoor de nodige slachtoffers vallen. Nietsontziend, rauw en meeslepend, met hier en daar wat empathie en menselijkheid, weten de personages je in hun wereld te slepen.
Al met al is deze trilogie dan ook verslavend lekker!

Magische verhalen

Valtada: een wereld met bezieling

Onlangs is Valtada 3: Sporen van het vergetene verschenen. Een prima excuus om meteen de eerste twee delen ook aan te schaffen en dat heb ik geweten! Er zijn van die boeken die je openslaat en die je per direct weten mee te slepen. De Valtada reeks van Garvin Pouw mag absoluut niet in dit rijtje ontbreken.
Deze auteur van eigen bodem heeft beslist een wereld gecreëerd die voor je geestesoog tot leven komt. Tot in detail, maar geen moment té, weet hij alles zo te beschrijven dat het aan gaat voelen als levensecht, ondanks het fantasy element. Het is een bijzondere wereld waar je echt zou willen zijn, ook al zijn er duistere kanten, maar gelukkig is dat al lezend geen enkel probleem. Sterker nog, je zintuigen staan op scherp, de realiteit vervaagt en zodra je het boek pakt ben je daar. Het is met recht een talent van Pouw, want ik ken genoeg verhalen waarbij dit gebeurt, maar deze reeks heeft net even dat tikje meer. Het is een gave, zonder meer, en je voelt de bezieling van de auteur. Valtada is veel meer dan een wereld die is ontsproten uit de fantasie van de auteur, het is bijna tastbaar, zo levensecht.

Over de verhalen zelf kan ik kort zijn: ik ga geen samenvatting geven, dit zijn boeken die je echt zelf mag ervaren en waar je je eigen invulling aan mag geven. Maar als ik dan toch iets moet zeggen: het is een fantasy die zoveel facetten omvat, dat het niet te vergelijken is met andere verhalen. Naast de wereld zelf heeft de auteur namelijk ook nog eens de gave om veelzijdige, boeiende en bijzonder treffende personages neer te zetten. Er zijn een aantal die je zo weten te raken, dat je ze in je hart sluit om nooit meer los te laten. De karakters van de personages zijn geloofwaardig en doordacht. Ze maken de nodige ontwikkeling door en zijn tevens zeer menselijk. Van eigenwijs tot onberekenbaar, en van dapper tot angstig; je kan het zo gek niet verzinnen of de personages hebben deze eigenschappen. Wat het ook extra kracht geeft is dat de personages allemaal hun eigen beweegredenen hebben, maar wat het bindt is dezelfde mysterieuze kracht.
Deze aanvulling op de gecreëerde wereld maakt dat de Valtada reeks met kop en schouders boven een aantal andere fantasy reeksen uit weet te steken.

En dan de kers op de taart: de verhalen zelf. Ik raad ten zeerste aan om te beginnen op een dag dat er geen verplichtingen roepen. Installeer je op je favoriete leesplek, zet je telefoon op stil en laat je onderdompelen in dit weergaloze avontuur vol actie, humor, mystieke wezens (elfjes!), magiërs en mysterie.
In ieder deel komen andere personages en questes aan bod, waardoor de geschetste wereld steeds een stukje omvangrijker wordt. Je leert alles en iedereen steeds beter kennen, en gaat weer op een nieuw avontuur in deze magische setting.
Het is eigenlijk onmogelijk om afscheid te nemen, na elk boek voelt het als een onvermijdelijk maar gelukkig tijdelijk afscheid. Want Pouw is nog lang niet uitgeschreven en daar kunnen de lezers alleen maar dankbaar voor zijn! Het schrijven zit bij hem niet alleen in zijn bloed, het omvat zijn hele zijn. Dat hij dat zo intens op de lezer over weet te brengen, schept een verbondenheid die je als lezer volledig in zijn ban krijgt.

Kortom: ben je op zoek naar écht goede en meeslepende fantasy, doorspekt met menselijkheid en realistische, geloofwaardige personages, dan zijn dit absoluut jouw boeken voor 2020!

Bijzondere gesprekken

In gesprek met Garvin Pouw

Garvin Pouw is een Nederlandse auteur die debuteerde met Schaduwkoningin, een prachtige fantasy die de lezers meteen in hun hart sloten. Dat dit genre hem bijzonder goed ligt, bewees hij daarnaast met de Valtada-reeks. Onlangs is deel drie uitgekomen en naar aanleiding van dit heugelijke feit, besloot ik in gesprek te gaan met Garvin.
Het werd een openhartig gesprek dat mij nog lang bij zal blijven. Garvin is namelijk niet zomaar een auteur, Valtada is zoveel meer dan een verzonnen verhaal. Sterker nog, voor Garvin was deze wereld zijn redding en toevluchtsoord.
Dat is beslist merkbaar tijdens het lezen. Zelden heb ik een verhaal gelezen waarbij de geschapen wereld zo tot leven komt en die zo weergaloos is omschreven, dat je als lezer alleen maar diep respect kan hebben voor het talent dat deze auteur gegeven is.
Na onderstaand gesprek, over het ontstaan, schrijven en Garvin zelf, is dat gevoel alleen nog maar meer gegroeid.

Je hebt met de Valtada-reeks een prachtige en ook duistere wereld geschept die het hart van menig fantasyliefhebber sneller doet kloppen. Hoe is deze wereld ontstaan?

Dat is een tweeledig verhaal. Van jongs af aan was ik druk met striptekenen en rond mijn 17e (1995) raakte ik (door Tolkien) geïnspireerd om een fantasywereld te creëren. Ik tekende drie stripalbums die op Valtada speelden, maar verhalen drongen zich op en tekenen ging niet snel genoeg. Daarom besloot ik een prequel serie op mijn strip in boekvorm te schrijven. Dat verhaal was de geboorte van Valtada 1 en 2 en de aanzet tot een enorme wereld om in te spelen. 
Tegelijkertijd lag ik in die tijd ontzettend met mijzelf in de knoop. Ik was eenzaam, zoekend en sociaal onhandig. Als een waar romanticus zocht ik een vluchtweg uit de werkelijke wereld en Valtada leende zich daar voor. Het werd al gauw een obsessie. Ik tekende in Valtada, schreef verhalen over valtada en dagdroomde mezelf op die wereld, waar en wanneer dat maar kon. Onvrede met mijzelf en de werkelijke wereld sijpelden de verhalen in en voorzagen ze van een meer somber tintje her en der, maar tegelijkertijd zocht ik er graag het zoetsappige en romantische op, wat ik voor mijzelf niet in de werkelijkheid kon uiten. Fantasy als vluchtweg dus.

Wat bijzonder en dat is vast de reden dat het zo levensecht aan doet. Heeft het schrijven je ook bepaalde inzichten gegeven over jezelf en je leven?
Schrijven heeft zich voor mij ontwikkeld tot de ideale uitlaatklep. Door je dagelijks te mogen verplaatsen in verschillende karakters, ieder met hun eigen invalshoeken en eigenaardigheden, kan ik heel veel van mezelf laten zien, naar buiten laten. Het negatieve doemdenken van een Yivenna, de interesses van Shutai, ja, zelfs de zoetsappigheid van een elfje als Nikara; alles komt ergens bij mij vandaan. Wanneer ik lang niet schrijf, dan raak ik in mezelf opgesloten en wreekt dat zich op een minder wenselijke manier. Voor mij is schrijven broodnodige zelfexpressie.

Is dat ook de reden dat je je zo goed in hebt kunnen leven in je personages of weten zij jou nog wel eens te verrassen? 
Een absoluut voordeel voor lang meegaande personages is dat je ze zo door en door leert kennen en dat je prima kunt inschatten hoe ze reageren op situaties. Dat werkt heel organisch, maar kan inderdaad net zozeer verrassen. Vooral wanneer je personages in dialoog brengt met elkaar kan er nog wel eens een heel andere conclusie uit voortkomen dan wat je voor het verhaal voor ogen had. Dat zijn stiekem de leukste momenten. Wanneer je als organisch schrijver door trouw te blijven aan je personages in de problemen raakt. Dan ligt daar een uitdaging om het zo passend mogelijk op te lossen. Gek genoeg zijn dat ook de momenten waarop je personages groei vertonen.

Was dat ook meteen de grootste uitdaging tijdens het totstandkomen van deze reeks?
Dat mag je wel zeggen. Ik ben de kronieken van Azeria (6 delen waar de helft nu van uit is en de andere helft onderweg) begonnen op heel organische wijze. Het plan was heel mager, maar de karakters hebben daar zelf vlees op gezet, plotlijnen vloeien dan voort uit vooral hun interactie en handelen. Een aantal hoofdpersonages werden bijvoorbeeld geïntroduceerd als bij-personages, maar drongen door hun eigenzinnigheid het verhaal binnen. Op die manier schrijven is ergens heel riskant, maar op bijna magische wijze pakt het bij mij altijd geloofwaardig uit. (In elk geval naar mijn smaak). En zo is het voor de schrijver net zo’n avontuur als voor de lezer.

Over magische wijze gesproken: met welke reden, naast geïnspireerd worden door Tolkien, koos jij voor fantasy?
Hmm, daar moet ik een beetje filosofisch op antwoorden. Tot aan mijn 18e was ik juist erg van de SF. Star Trek, robotica, etc… Ik benaderde dingen graag wetenschappelijk en was eerder een atheïst dan iemand die in God of goden zou geloven. Echter, terwijl ik de wereld zo logisch gericht benaderde, ondervond ik dat die zonder zingeving vooral kaal en saai was. Ik werd er depressief van de wereld te aanvaarden zo ogenschijnlijk leeg als hij was. Fantasy, met een flair voor goden en magie in plaats van het pragmatische, rekenkundige van de wetenschap, maakte mij vrolijk. Het richt zich op dromen en mogelijkheden in plaats van de begrenzing van realisme. In fantasy is je enige grens het bereik van je fantasie. In mijn geval bood dat grenzeloze mogelijkheden! Daarnaast ontwikkelde ik door mijn kentering tegen de moderne menselijke wereld een passie voor de natuur en een – wellicht misplaatst – nostalgisch verlangen naar primitiever tijden. Beide vormen het min of meer traditionele decor voor het fantasygenre. Ik ben daar dus prima op mijn plaats.

Ben je daardoor ook anders gaan denken?
Absoluut. De Garvin van vandaag de dag is niet te vergelijken met de Garvin van voor het schrijven. Bezig zijn met de creatie van een geheel eigen wereld geeft je inzichten en verantwoordelijkheden, die je mijns inziens alleen maar kunnen verrijken. Werken aan mijn eigen wereld voelt aan als een experiment. Een kans om de bedenker van de werkelijke wereld eens te laten zien hoe het ook kan! Haha, ja, ik heb er een God-complex aan over gehouden. Maar per saldo? Door te schrijven over anderen heb ik zelf leren te leven.

Wat een prachtige laatste zin! Hoe voelt het voor jou om deze toch wel innerlijke wereld te delen met de buitenwereld?
Hah! Dat gaat met ups and downs. In eerste instantie ben ik gaan publiceren om naar mezelf te bewijzen dat hetgeen dat ik mijn levenswerk gemaakt heb, serieus wat kwaliteit heeft. Ik wilde na 20 jaar schrijven mezelf een schrijver mogen noemen. Dat punt ben ik inmiddels wel voorbij. Enerzijds vind ik het heerlijk om allerlei mensen mee te laten genieten met dat wat zo lang voor mij privé was. Anderzijds komt er dan natuurlijk de nodige kritiek over je heen, dat werkt soms verlammend of demotiverend. Schrijven en publiceren zijn toch wel twee werelden apart. Zelfs nu ik uitgegeven word, heb ik het idee dat nog steeds in een wereld naast deze te doen. Dat naast de wereld hangen typeert mij. Eerst was ik een met de hand tekenende tekenaar in een wereld die in de ban van computertekenen viel. Nu ben ik een publicerend auteur in een wereld waar het boek een product op zijn retour is en in een land waar het door mij gekozen genre slechts door een kleine minderheid wordt omhelst. Commercieel (en laten we eerlijk zijn, dat is de enige ideologie die deze wereld nog erkent) is dat natuurlijk weinig slim. Dan zet je je klaar voor een teleurstelling, maar wanneer je toch lezers aan je bindt, mensen die zitten te springen om het volgende deel? Dan geeft dat een kick. Genoeg kick om lekker door te gaan.

Van de liefhebbers van fantasy hoor ik vooral positieve geluiden. Zodra ik vertelde dat ik je boeken aan het lezen was, kwamen er enthousiaste reacties. Vooral dat je onderscheidend bent en een hoog niveau hebt. Wat doet deze erkenning met jou?
In eerste instantie blozen. Maar ja, het geeft een kick. Voor ik publiceerde had ik er geen idee van of wat ik deed een kwaliteit vertegenwoordigde. Ik was niet bekend in het boekenwereldje, wist niet met wie ik me zou kunnen vergelijken, etc. Ik deed het vooral voor mijzelf. Toch zie je dan een hoofdmoot aan positieve recensies, je verkopen stijgen, nominaties en dergelijken, dan kruipt er wel een rilling langs je ruggengraat. Dan voel je je echt wel trots.

Welk moment in het gehele proces is het meest dierbaar voor jou gebleken?
De dag dat ik van mijn uitgever een monstercontract kreeg voor Valtada 3, 4, 5 en 6. Daar sprak zoveel vertrouwen van de uitgever uit. Het betekende dat Valtada 1 en 2  genoeg gewaardeerd werden om de serie groen licht te geven en dat ik niet een eendagsvlieg zou blijven met Schaduwkoningin. Die dag heb ik echt wel een glaasje geheven.

Wat mij ook opvalt zijn de mooie covers. Heb jij die zelf ontworpen?
Ja, de ontwerpen lever ik zelf aan, evenals de fotografie (met uitzondering van Schimmenstorm). Ik wil graag dat een cover een scène neerzet die overeenkomt met de inhoud van het boek. Ik lever de beoogde cover als een illustratie, fotografeer de modellen in de gewenste pose en outfit. En dan is het aan de vormgever, meestal Jen Minkman, om met het wonder van photoshop mijn idee fotorealistisch te maken. Voor de novelle Shivane heb ik zelf de draak getekend. Ik kende geen draken die model wilden staan, vandaar.

Die schijnen ook niet zo fotogeniek te zijn. Maar wat leuk dat je het zo doet, dat maakt je boeken nog meer eigen. Wat zou jij het liefst als schrijver willen bereiken?
Iedereen heeft dromen. Sommige targets zijn realistisch, andere grenzend aan onmogelijk. Ik zou heel graag fulltime met mijn schrijfwerk bezig zijn, maar dat is maar voor een heel kleine groep weggelegd. Mijn huidige ambitie is een 10 boeken in 5 jaren plan. Daarvoor lig ik prima op schema. Ik hoop over twee jaar een trilogie en de eerste zes delen van Valtada onder de aandacht van het publiek te krijgen. Daarnaast wens ik op termijn een internationale doorbraak te maken, maar hé, wie niet? 

Je weet maar nooit! Zou je ooit nog een ander genre willen schrijven?
Nee, mijn ambitie is niet het uitblinken in schrijfwerk, maar het vormgeven van Valtada. Daarbij vind ik het leuke van zo’n fantasywereld dat je er tal van genres in kan gebruiken. Ik kan een horrorverhaal op Valtada schrijven, een comedy, een avontuur, een psychologische thriller, zelfs een feelgood of een boeketreeks romannetje. Binnen een fantasywereld als de mijne kan en doe ik het stiekem al allemaal.

Hoe werk jij? Heb je een vaste plek en/of rituelen?
Vroeger had ik de eigenaardigheid om met de hand te schrijven en dan het liefst ergens tegen een boom in de natuur. Tegenwoordig schrijf ik op zolder/slaapkamer, meestal zittend op bed met de laptop op een ontbijttafeltje. Afhankelijk van het stuk dat ik schrijf, probeer ik daar dan sfeer of ambiance muziek bij te zoeken op YouTube.

Heb je een voorbeeld van muziek die je gebruikt?
Ik luister graag naar tracks van Mike Oldfield en filmmuziek van fantasyfilms uit de jaren tachtig. Mede dankzij de vele fantasygames van tegenwoordig is er veel sfeervolle muziek behorend aan computerspellen, te denken aan Skyrim, etc… Wanneer ik schrijf moet het wel instrumentaal zijn. Lyrics leiden af.

Over gamen en films gesproken: Valtada leent zich perfect voor een spel, serie of film. Of wil jij het echt bij het geschreven woord houden?
Haha, doe maar een bod! Nee serieus, ik zie mijzelf als een verzinner van verhalen en het opschrijven in boekvorm is voor mij de meest efficiënte methode gebleken om wat in mijn hoofd is ontstaan vast te leggen. Het verfilmd zien worden lijkt me fantastisch, alleen betekent dat waarschijnlijk rechten verkopen en er dan zelf niks meer over te zeggen hebben, dus of ik dat leuk ga vinden? Ik ben een erg beeldend denker en hecht erg aan de beelden die ik zelf heb bij mijn schrijven. Ik denk dat de boeken zich meer lenen voor een serie dan voor een film.

Dat lijkt mij ook lastig omdat iedereen een eigen inzicht en visie heeft bij een verhaal. Heb je wel eens meegemaakt dat een lezer iets totaal anders uit je verhalen haalde dan hoe jij het voor ogen had?
Haha, ik ontmoet nogal kleurrijke mensen. Laatst had iemand een hele theorie over hoe het personage uit Shivane gereïncarneerd was als Aresta. Ik kreeg een dik compliment voor de manier waarop ik dat had opgezet. Ik dacht alleen maar: huh? Ik kreeg er ook geen speld tussen en dacht, laat maar. Meneer geniet van zijn eigen theorieën.

Haha, geweldig! Wel heel leuk dat mensen er hele theorieën op nahouden. 
Is er een personage dat stiekem je eigen favoriet is?
Ik ben erg fan van de dames, vandaar de covers. Aresta is bij mij nummer 1, die heeft iets heerlijk knulligs. Yivenna is een goede tweede, maar vertegenwoordigt weer een heel andere set persoonlijkheidstrekken. En dan zijn er nog wat karakters die in de coulissen staan, daar mag ik nog niet over uitweiden. Met bijvoorbeeld Emerin staat nog heel veel te gebeuren. En dan komt straks die Sneeuwnimf…

Dat klinkt veelbelovend! Dus echt geen tipje van de sluier? 
Valtada gaat door, in een hoog tempo als het aan mij ligt. Het volgende deel ligt alweer bij de redactie, maar ik ontferm me nu eerst even over een einde aan de Schaduwkoningin trilogie. Moet raar lopen wil er rond het eind van het jaar niet weer een nieuw boek komen. Dus er komt nog meer dan genoeg jullie kant op: draken, spoken, Sneeuwnimfen, bregandiërs, schemersterren, de Hèridath… maak je borst maar nat!